Op 12 en 13 maart 2026 organiseren de partners van Interreg project «Otter across borders» de Europese otterconferentie in Antwerpen. De tweedaagse conferentie focust op:
De otter is helemaal terug van weggeweest en heeft van de Antitankgracht zijn eigen ‘snelweg’ door de natuur gemaakt. Waar het dier tientallen jaren geleden nog volledig verdwenen was, is het in 2026 uitgegroeid tot de absolute ster van de regio. Sinds de eerste officiële bewijzen in 2018 is de gracht – die ooit als verdedigingslinie diende – getransformeerd tot een cruciale verbindingsroute voor deze waterbehendige zwemmer. Het is niet toevallig dat de otter zich hier thuis voelt.
De regio rond de Antitankgracht is inmiddels officieel erkend als een van de belangrijkste focusgebieden voor otterherstel in Vlaanderen. Dat de Europese Otterconferentie in maart 2026 in Antwerpen plaatsvindt, onderstreept alleen maar hoe centraal dit gebied op de internationale kaart staat. De otter is hier meer dan alleen een bewoner. Hij is een kwaliteitsstempel voor de natuur. Dankzij projecten als 'Otter over de grens' en het ontwerpplan Antitankgracht voor 2026-2031 wordt er alles aan gedaan om de gracht veiliger te maken. Denk aan het aanpakken van gevaarlijke wegoversteken, het aanleggen van natuurvriendelijke oevers en het creëren van rustige schuilplekken.
In 2026 is de otter (wetenschappelijke naam: Lutra lutra) hét symbool van de fragiele balans in onze Vlaamse natuur en een hoofdrolspeler in een spannend ecologisch drama rond de Antitankgracht. Hoewel de otter een van de meest charismatische roofdieren van ons land is, is zijn terugkeer geen vanzelfsprekendheid. © Weekly Technology Times - op zoek naar otters via Edna
We weten door geavanceerd eDNA-onderzoek – waarbij genetische sporen in het water worden geanalyseerd – dat er al in 2018 een otter rondzwom nabij Brasschaat, maar anno 2026 is de situatie nog steeds kritiek. In heel Vlaanderen leven er momenteel namelijk nog maar enkele tientallen exemplaren, wat betekent dat elke otter die we zien vaak een eenzame zwerver is, op zoek naar een veilig territorium dat in ons versnipperde landschap bijna niet te vinden is. Het gebruik van environmental DNA (eDNA) betekent een revolutionaire ommezwaai in het onderzoek naar de Europese otter, een dier dat vanwege zijn verborgen levensstijl en nachtelijke activiteiten met traditionele methoden uiterst moeilijk te inventariseren is. In plaats van te vertrouwen op het toevallig vinden van pootafdrukken, verkeersslachtoffers of de karakteristieke otterspraints, volstaat nu een eenvoudig waterstaal. De techniek maakt gebruik van de genetische sporen die otters via huidcellen, urine of uitwerpselen in hun omgeving achterlaten.
Het Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek (INBO) heeft hiervoor een specifiek protocol ontwikkeld dat rivieren, sloten en poelen screent met een veel hogere trefkans dan klassieke cameravallen. Deze moleculaire methode heeft haar waarde inmiddels bewezen in het Scheldebekken. Recente screenings bevestigen dat de otter hier definitief is teruggekeerd. Omdat de Antitankgracht een cruciale ecologische verbinding vormt binnen dit bekken, zal deze methode daar standaard worden ingezet. Binnen het huidige soortenbeschermingsprogramma zorgt eDNA-monitoring zo voor een nauwkeurig beeld van de verspreiding van de otter in de Antitankgracht en de omliggende beken, zonder de schuwe dieren te verstoren.
De otter is een semi-aquatisch zoogdier, wat betekent dat hij zowel op het land als in het water leeft. Hij is perfect gestroomlijnd en kan inclusief zijn gespierde staart wel 130 centimeter lang worden. Zijn vacht is een technisch wonder: met maar liefst 50.000 haartjes per vierkante centimeter is deze zo dicht dat er geen druppel water tot op zijn huid doordringt. Dit houdt hem warm tijdens zijn nachtelijke jachtpartijen. Het is een echte fijnproever die dagelijks enorme hoeveelheden energie nodig heeft. Hij eet tot wel anderhalve kilo voedsel per dag. Hoewel vis zoals paling, baars en snoek zijn lievelingskostje is, is hij niet kieskeurig. Ook kikkers, rivierkreeften en zelfs een verdwaalde waterrat staan op het menu. De voortplanting van de otter is een langzaam proces. Een vrouwtje krijgt meestal maar twee tot drie jongen die ruim een jaar bij haar blijven om te leren hoe ze moeten overleven in een vijandige wereld.
De otter in Vlaanderen
De otter; een legende keert terug
Die vijandigheid komt in 2026 helaas vooral van de mens.
De twee grootste struikelblokken voor de otter zijn de waterkwaliteit en de versnippering van ons landschap.
Hoewel de waterkwaliteit in de Antitankgracht verbeterd is, zorgen onzichtbare vervuilende stoffen die zich ophopen in vissen (bio-accumulatie) ervoor dat otters vaak onvruchtbaar worden.
Maar het grootste directe gevaar is ons wegennet.
Een otter verplaatst zich het liefst via het water, maar als hij bij een brug komt waar geen droge oever onderdoor loopt, durft hij niet te zwemmen en kruipt hij de weg op.
Dit heeft in het verleden geleid tot tragische verkeersslachtoffers in Ranst en Kalmthout.
Wetenschappers zijn het erover eens: de enige manier om de otter te redden is door 'ontsnippering'.
Dit gebeurt via ecotunnels en droge loopstroken onder bruggen, zodat de otter veilig de weg kan passeren. Dit is waar het politieke verhaal wringt. Natuurvereniging GroenRand voert al jaren een felle strijd voor deze maatregelen, maar zij stuiten op een muur van onbegrip. Minister van Omgeving Jo Brouns heeft voor het budgetjaar 2026 namelijk fors gesnoeid in de middelen voor het VAPEO (Vlaams Actieprogramma Ecologische Ontsnippering). Waar voorheen miljoenen euro's klaarlagen om knelpunten weg te werken, is de geldkraan nu nagenoeg dichtgedraaid. GroenRand heeft dit meermaals aangekaart via open brieven en protestacties, maar vooralsnog zonder resultaat vanuit de Vlaamse overheid.
De situatie is extra wrang omdat Antwerpen in maart 2026 gastheer is voor de prestigieuze Europese Otterconferentie. Terwijl experts uit heel Europa naar onze regio kijken om het herstel van de soort te vieren, blijft de realiteit op het terrein zorgwekkend. De otter is een zogenaamde 'paraplusoort': als het goed gaat met de otter, gaat het goed met de hele natuur. Zonder de politieke moed om te investeren in veilige doorgangen, blijft de Antitankgracht voor dit prachtige roofdiertje geen veilige haven, maar een dodelijk hindernissenparcours. Het is aan ons om te blijven eisen dat de otter de ruimte krijgt die hij verdient, zodat hij niet alleen een spoor achterlaat, maar een blijvend onderdeel wordt van onze Vlaamse natuur.
In 2026 is de situatie van de otter in de Voorkempen het ultieme schoolvoorbeeld geworden van de strijd tussen ecologische noodzaak en budgettaire keuzes. Hoewel de Antitankgracht als een robuuste "blauw-groene ruggengraat" klaarligt om de otter te verwelkomen, blokkeert een gebrek aan Vlaamse middelen momenteel de veilige doorgang. Wat een internationaal succesverhaal van natuurherstel had moeten zijn, dreigt te stranden in een dossier van onvoltooide infrastructuur en politieke prioriteiten die elders liggen.
De contrasten in dit dossier zijn scherp. Terwijl het Europese Interreg-project 'Otter over de grens' een kapitaalinjectie van €1,5 miljoen aan EFRO-middelen verschaft voor habitatverbetering, dreigt de lokale motor stil te vallen. De Vlaamse minister van Omgeving, Jo Brouns, weigert vooralsnog nieuwe middelen toe te zeggen voor het Vlaams Actieprogramma Ecologische Ontsnippering (VAPEO) na 2026. De beleidsfocus ligt momenteel op andere prioriteiten, waardoor de broodnodige ‘finishing touch’ voor otterinfrastructuur bij cruciale verkeersknelpunten uitblijft.
Zonder deze gerichte investeringen in ecotunnels transformeert de Antitankgracht van een migratieroute in een dodelijke "ecologische val". Specifieke knelpunten zoals de N12 in Schilde en de N115 in Schoten blijven onoverkomelijke barrières. De technische oplossingen, zoals droge loopplanken onder bruggen en geleidingsrasters, liggen technisch klaar, maar de uitvoering stokt. Monitoring door het INBO via DNA-analyse van spraints (uitwerpselen) en cameravallen bevestigt dat de otter de gracht al benut, maar dat elke poging tot migratie momenteel eindigt in een verhoogd risico op roadkill.
De inzet is echter groter dan lokaal natuurbehoud alleen. Het gaat om genetische overleving. Met een populatie van slechts 15 tot 20 individuen in Vlaanderen is connectiviteit met de robuustere Nederlandse populatie van circa 450 dieren cruciaal om inteeltdepressie te voorkomen. De Voorkempen vormt hierbij de geografische sleutel. Om deze noodzaak kracht bij te zetten, fungeert de Europese Otterconferentie op 12 en 13 maart 2026 in Antwerpen als een politiek breekijzer. Het doel is de wetenschappelijke druk op te voeren en de Vlaamse regering te dwingen de Europese instandhoudingsdoelstellingen (IHD) effectief na te leven.
In dit krachtenveld speelt de burgerorganisatie GroenRand een onmisbare rol als democratische waakhond. In plaats van alleen maar te protesteren, kiest GroenRand voor de tactiek van de “zachte confrontatie”. Zij maken gebruik van hun democratisch recht om de politiek te bevragen over haar plannen en voornemens die nog op financiering wachten. Door nauw samen te werken met volksvertegenwoordigers voeden zij het parlement met technische dossiers, waardoor ministers gedwongen worden kleur te bekennen over de stilgevallen ontsnippering. Vanaf eind mei 2026 scherpt GroenRand deze koers verder aan om als pure controleur toe te zien op de beloofde uitvoering. De strijd voor de otter in de Voorkempen is daarmee niet langer alleen een ecologisch dossier, maar een testcase voor de geloofwaardigheid van het Vlaamse natuurbeleid.
GroenRand vraagt in open brief dringend actie én geld tegen versnippering natuurgebieden: “De otter toont ons waar het misloopt”
In een open brief roept GroenRand, de koepel rond vrijwilligers en natuurverenigingen in de Antwerpse Rand, de Vlaamse overheid op om te investeren in ecologische ontsnippering. De Commissie voor Leefmilieu, Natuur en Ruimtelijke Ordening bespreekt op dinsdag 25 november met minister Jo Brouns (CD&V) de uitgaven voor 2026. GroenRand hoopt op 50 miljoen euro.
Inzake ecologische ontsnippering zet GroenRand de otter centraal als boegbeeld voor natuurherstel. “De otter komt alleen terug waar waterkwaliteit en leefgebied op orde staan”, weet Pieter Haagdorens van GroenRand. “Vandaag worden in Vlaanderen naar schatting ongeveer twintig otters gezien, vooral zwervers uit Nederland. Dat lage aantal maakt duidelijk dat het leefgebied gefragmenteerd is en dat er nog veel werk wacht om te komen tot robuuste natuurverbindingen.”
GroenRand lanceerde hiertoe zelf de projecten Greenconnect en de Klimaatgordel. In beide projecten staat de Antitankgracht centraal. Om dit te realiseren berekende de vereniging dat ze 11,450 miljoen euro nodig heeft.
GroenRand benadrukt dat Vlaanderen kampt met een historisch gegroeide versnippering. Dat heeft grote gevolgen: natuurgebieden worden kleiner, gevoeliger voor randeffecten en minder levensvatbaar. “De gevolgen laten zich voelen in het verkeer: elk jaar sterven in Vlaanderen 5 miljoen dieren op de weg, wat neerkomt op 14.000 per dag of gemiddeld één elke zes seconden. Ontsnipperende maatregelen zoals ecotunnels, bermbruggen en aangepaste oeverzones zijn essentieel en helpen meteen ook vele andere soorten.”
In 2019 startte het Vlaams Actieprogramma Ecologische Ontsnippering, een samenwerking tussen Mobiliteit en Omgeving. Tussen 2019 en 2024 werden vijftien prioritaire projecten gerealiseerd, waaronder ecoducten en ecotunnels. Voor de periode 2025-2030 ligt er een nieuw ontwerpinvesteringsprogramma klaar. Het vorige budget van 50 miljoen euro is onzeker. GroenRand vraagt dat de commissie Omgeving én minister Jo Brouns dit bedrag minstens behouden, liefst verhogen. “De analyses zijn gemaakt, de knelpunten zijn gekend. Wat ontbreekt, is politieke bevestiging”, benadrukt Haagdorens.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten