woensdag 11 februari 2026

GroenRand laat zien hoe het roodborstje de winterse strijd om te overleven aangaat en de koude Voorkempen weet te trotseren

GroenRand toont hoe het roodborstje de winterse overlevingsstrijd aangaat en de kou van de Voorkempen weet te trotseren

In het bleke wintergrijs of tegen een ongenaakbaar laken van ijzig wit manifesteert het roodborstje zich als een markante verschijning in onze GroenRand-regio. Waar de natuur in de Voorkempen in winterslaap gaat, vormt zijn vlammende oranjerode borst een scherp visueel contrast. Die kleur is echter veel meer dan een uiterlijk sieraad; het is een dwingend biologisch signaal in een onverbiddelijke strijd om schaarse ruimte en voedsel.
Het roodborstje is voor velen de absolute favoriet in de tuin, mede door zijn opvallende verschijning en dapperheid.


Wie weleens in de tuin werkt, herkent hem als een trouwe helper bij het spitten, al is hij strikt genomen een rasechte opportunist: hij komt niet voor het gezelschap, maar omdat hij drommels goed weet dat uw spade het zware werk voor hem opknapt door wormen, larven en insecten bloot te leggen. Dit gedrag vertonen ze in de vrije natuur ook door wroetende wilde zwijnen te volgen.


Achter dit vertrouwde tafereel schuilt een gevederde gladiator die in de wintermaanden een eenzaam en fel bestaan leidt.
Roodborstjes houden er een behoorlijk moderne en geëmancipeerde levensstijl op na. Man en vrouw zijn uiterlijk nauwelijks van elkaar te onderscheiden – al zijn mannetjes soms een fractie groter – en, uniek voor zangvogels, ze zingen beide uit volle borst.

De dames laten zich vooral in de herfst en winter luidkeels horen om hun eigen plekje op te eisen, aangezien ze buiten het broedseizoen strikt gescheiden leven. Die territoriumdrift zit diep: ze hebben hun leefgebied hard nodig om niet te verhongeren en verjagen soortgenoten met enorme drift.

Ze vallen werkelijk alles aan wat rood is, van een rode speelgoedauto of bal tot hun eigen spiegelbeeld. Dat bekende 'tikken tegen de ruit' is dan ook geen romantisch verzoek om naar binnen te mogen, maar een woeste aanval op een vermeende rivaal die ze niet als zichzelf herkennen. Om uitputting te voorkomen, kunt u de reflectie van het raam het beste even breken door er iets voor te plaatsen. Deze instinctieve afkeer van rood is zelfs de reden dat de jongen (juvenielen) camouflage-bruin en gevlekt geboren worden; zonder rode borst blijven ze veilig voor de felle uithalen van hun eigen ouders, die het in het broedseizoen al moeilijk genoeg hebben met zichzelf.


Zelfs de paarvorming verloopt stroef. Wanneer een vrouwtje het gebied van een mannetje betreedt, wordt ze vaak eerst aangevallen tot hij zijn vergissing inziet. Zelfs dan wonen ze eerst een tijdje ‘samen’ terwijl ze het territorium verdelen en elk hun eigen kostje scharrelen; samen voedsel zoeken is strikt uitgesloten. Ze bouwen hun nesten goed verborgen op of dicht bij de grond onder planten of struiken, vaak in houtkanten die door organisaties zoals GroenRand worden gepromoot. Het nest lijkt een rommelig samenraapsel van grassen, blad en zacht materiaal, maar binnenin houden ze het brandschoon en worden uitwerpselen zorgvuldig verwijderd. Een koppel brengt doorgaans twee legsels van vier tot zes jongen groot, waarbij de vader de zorg voor het eerste nest overneemt zodra de moeder aan het tweede broedsel begint.

De jongen krijgen hun rode borst pas in het najaar, waarna ook zij op zoek gaan naar een eigen territorium.

Tegen de winter staat het roodborstje voor een strategische keuze: de riskante reis maken naar warme oorden zoals Frankrijk, Spanje, Portugal, Italië of Noord-Afrika, of in Vlaanderen blijven om als eerste de beste broedplaatsen te bezetten. De populatie in onze regio wisselt hierdoor sterk; terwijl inheemse vogels wegtrekken, worden hun plaatsen ingenomen door gasten uit Scandinavië en Rusland. Verzwakt door hun lange tocht waarderen deze reizigers wat extra hulp enorm. Omdat ze gewend zijn hun voedsel op de grond te zoeken, maakt u ze dolgelukkig met (gedroogde) meelwormen, insecten of een speciale roodborstjesmix op een voedertafel van Natuurpunt. Juist nu we toewerken naar de verkiezing van de Vogel van het Jaar 2026 via Vogelbescherming Vlaanderen, is dit een ideaal moment om extra aandacht te schenken aan deze wintergasten. Of het nu een symbool van hoop is of de nationale trots van de Britten: dit dappere vogeltje vrolijkt elke winterdag op. Voor wie ze een veilige plek wil bieden, is een nestkastje met een grote, halfopen voorkant de beste keuze.

Foto's: Frank Vermeiren

Natuurpunt ziet de Schijnvallei indrukwekkend groeien: van 41 naar maar liefst 88 hectare

Natuurpunt ziet de Schijnvallei indrukwekkend uitbreiden: van 41 naar maar liefst 88 hectare

De afdeling Schijnbeemden van de onafhankelijke vrijwilligersvereniging, met in Vlaanderen 125.000 leden, gaat verspreid over Deurne, Wijnegem, Wommelgem, Schilde en Oelegem 47 hectare nieuwe percelen beheren waardoor het totaal aan beheerd natuurgebied in de Schijnvallei verdubbelt tot 88 hectare. Nieuw beheerplan en 90 hectare extra natuur: Een robuuste natuursnelweg voor de Schijnvallei
De Schijnvallei maakt zich op voor een nieuwe fase. Al sinds 1992 beheert Natuurpunt Schijnbeemden hier met hart en ziel diverse gronden onder leiding van voorzitter John Maes.

Wat begon met de allereerste percelen in de Rundvoort (Oelegem), de Beemdkant (Wommelgem) en de Schijnbeemden (Wijnegem), groeide gestaag. In 1998 en 2001 werden de eerste beheerplannen opgesteld, waardoor de terreinen voor een looptijd van 24 jaar door de Vlaamse overheid erkend werden als natuurreservaat.
Omdat er sinds het nieuwe Natuurdecreet van 2017 (dat in 2019 leidde tot voorlopige omzettingen) veel meer gebied in beheer is gekomen, is er nu een kersvers beheerplan opgesteld. In dit plan krijgt elk perceel een specifiek 'natuurstreefbeeld', variërend van natte en droge graslanden tot vochtige bossen en moeraszones.
Ook is er een globaal kader afgebakend voor natuurontwikkeling met respect voor alle eigendoms- en gebruiksrechten. Het openbaar onderzoek hiervoor start op 16 februari en loopt gedurende 30 dagen.
 Alle opmerkingen of bezwaren worden door het Agentschap Natuur en Bos (ANB) beoordeeld, waarna minister Jo Brouns (CD&V) beslist of er aanpassingen nodig zijn voor de definitieve erkenning.
Het beheer gebeurt door tientallen vrijwilligers, landbouwers en maatwerkbedrijven.


Waar de natuurwaarden het toelaten, zoals in de Pont (Schilde), de Maasbeemden (Oelegem) en Park Groot Schijn (Deurne), blijft de natuur toegankelijk via wandelpaden.




Ook in Schilde aan de Antitankgracht actief
Tegelijkertijd is er in Schilde, mede binnen het GroenRand-gebied, een indrukwekkende groene gordel gesmeed. Sinds 2018 heeft Natuurpunt hier ruim 90 hectare strategische grond aangekocht om de ecologische corridor langs de Antitankgracht — een voormalige militaire verdedigingslinie — te transformeren tot een robuuste 'natuursnelweg'. Vitale gebieden zoals het Gravinnenbos, het Wolvenbos, de Lage Haar, het Verbrand Bos, Den Inslag, de Putse Heide, de Moerhoflaan en domein Sint-Willibrordushof zijn zo veiliggesteld.


Een van de meest markante verhalen is dat van De Lage Haar in ’s-Gravenwezel. Dit broekbos was decennialang kunstmatig drooggelegd, maar in 2025 heeft Natuurpunt, samen met Regionaal Landschap de Voorkempen, een grootschalig vernattingsproject afgerond. Door drainagegrachten te dempen en stuwen aan te leggen, fungeert het gebied nu weer als een 'waterspons' die overtollig water van de Zwanebeek vasthoudt. Wandelaars kunnen dit nieuwe waterlandschap ongestoord bewonderen vanuit een nieuwe kijkwand.



Iets verderop vormt het Gravinnenbos, de eerste grote aankoop uit 2018, de hoeksteen die de Schijnvallei verbindt met de gracht. Hier wordt actief gewerkt aan heideherstel en het verwijderen van invasieve exoten, waardoor soorten als de ree, de boommarter, het zeldzame bont dikkopje en de heidesabelsprinkhaan er hun thuis vinden. Zelfs de bever heeft via de gracht inmiddels zijn weg naar dit gebied gevonden. Ook de historische militaire relicten spelen een grote rol. Natuurpunt beheert een twintigtal vleermuizenreservaten in bunkers langs de gracht, waaronder de Schans van Schilde en de sluisbunkers A19 tot A21 (nabij fietsknooppunten 26 en 46), die een stabiele temperatuur bieden voor overwinterende vleermuizen. In de Putse Heide en het Verbrand Bos ligt de focus op de omvorming van oude monoculturen naar gevarieerd loofbos, terwijl het domein Sint-Willibrordushof wordt onthard om te dienen als nieuwe thuisbasis voor natuureducatie. Door al deze percelen aaneen te rijgen, ontstaat een essentiële migratieroute waar zelfs de otter weer welkom is en Schilde een cruciaal knooppunt vormt tussen de Antwerpse rand en de Kempen. Foto's: Natuurpunt Schijnbeemden

Van koffiekoeken tot uilengesprekken: het kloppende, warme hart van GroenRand

Van koffiekoeken tot uilengesprekken: Het warme hart van GroenRand

In de vaak gortdroge wereld van het natuurbeleid, waar dossiers dikker zijn dan de stammen van de bomen die ze moeten beschermen, kiest GroenRand voor een opvallend lichtvoetige koers. Om de verstikkende bureaucratie te doorbreken, zet GroenRand de scherpe pen van Gie Campo in als een frisse wind die de ambtelijke traagheid in één ademteug wegblaast.
Dit is een bewuste strategie: waar beleidsprocessen vaak verzanden in stroperige procedures, fungeren zijn cartoons als een positieve katalysator.


Ons logo — een boom met een kamerbrede glimlach — is geen loutere versiering, maar een strategisch symbool voor een positieve, verbindende benadering van natuurbehoud.
Dit iconische ontwerp is van de hand van huiscartoonist Gie Campo, die erin slaagde om de complexe missie van de vereniging in één sympathieke oogopslag te vangen.
De opbouw van dit logo is een grafische vertaling van de Antwerpse regio.
In het hart vinden we de ‘A’ van Antwerpen, die daar veilig geniet van een groen decor.
De eerste cirkel daaromheen representeert de stadsrand, het terrein waar het Groen Kruis en burgervereniging GruunRant de wacht houden om de resterende open ruimte te beschermen tegen de oprukkende verharding.
De buitenste cirkel staat symbool voor GroenRand als verbindende schakel tussen bossen en de beekvallei, verbonden met de Antitankgracht.
Gie is inmiddels het levende uithangbord van deze missie.
Met zijn kenmerkende hoed vol miniatuurboompjes doorbreekt hij de grens tussen kunst en activisme.

Met zijn zelfgemaakte, cirkelvormige hoed vol GroenRand-boompjes is hij in feite een levende spotprent geworden.
Het is alsof de boom uit het logo plotseling benen heeft gekregen en besloten heeft om zelf op pad te gaan om de regio te verbinden.
De cartoons van Campo maken deze ecologische uitdagingen tastbaar en bespreekbaar zonder de ernst van de zaak te verliezen.
Want uiteindelijk is natuur iets om samen van te genieten, bij voorkeur met dezelfde optimistische blik als die van de lachende boom van GroenRand.
Zijn cartoons dienen daarbij als het ideale breekijzer voor biodiversiteit.
Hoewel het woord 'cartoon' zijn wortels heeft in het Franse carton (stevig papier), gebruikt Gie zijn tekeningen liever om de boel eens flink op te schudden en de politieke stijfheid te doorbreken.
Hij vertaalt driehonderd pagina’s aan gortdroge rapporten naar één hilarische situatie die iedereen begrijpt, waardoor zelfs de meest complexe uitdagingen bespreekbaar worden aan de keukentafel.

Want laten we eerlijk zijn: tegen een boom die je zo hartelijk begroet, zeg je niet snel 'nee', en aan het eind van de dag is natuur vooral iets om samen van te genieten – bij voorkeur met een glimlach die net zo breed is als die van de boom van GroenRand.
Wie de geschiedenis van onze vereniging induikt, botst niet op kille verslagen, maar op warme anekdotes die de essentie van onze aanpak blootleggen: natuurbeleving als verbindende factor in plaats van een splijtzwam.
Een legendarisch voorbeeld hiervan is die bewuste middag aan de rand van een omstreden perceel in de Voorkempen.
De gemoederen waren verhit en de belangen leken onverzoenbaar, maar in plaats van wetteksten te spuien, haalde een lid van GroenRand simpelweg een thermos koffie en een stapel verse koffiekoeken tevoorschijn.
Terwijl de damp uit de bekers steeg in de koude buitenlucht, smolt het ijs en maakte de vijandigheid plaats voor een gesprek over de gedeelde liefde voor het landschap.
Die koffiekoeken werden het symbool van een aanpak die sindsdien een enorm draagvlak heeft gecreëerd: de overtuiging dat natuur geen technisch dossier is, maar een gedeelde emotie.
Diezelfde filosofie hanteren we dagelijks op het terrein.
Soms gaat die verbinding nog dieper, tot in de stilte van de nacht.
Toen een rij monumentale bomen dreigde te verdwijnen, kozen we niet voor spandoeken, maar voor een nachtelijk "uilengesprek".
GroenRand nodigde de eigenaar uit om op een stille avond aan de bosrand te gaan zitten; toen een ransuil precies op dat moment zijn roep liet horen vanuit de kruinen, viel er een stilte die geen enkel juridisch argument kon evenaren.
De eigenaar hoorde de "bewoner" van de bomen persoonlijk en besloot ter plekke het ontwerp aan te passen om de bomen te sparen.

Een bijzonder hoofdstuk in onze werking is de terugkeer van de otter.
In 2021 riep GroenRand het 'Jaar van de Otter' uit, maar dat deden we niet enkel met wetenschappelijke rapporten.
We brachten het verhaal tot leven via Olga de Otter.
Met een zelfgeschreven voorleesboekje trokken we langs scholen en jeugdbewegingen om de allerkleinsten — en via hen hun ouders — te vertellen over Olga, die ziek werd door het zwerfvuil in de Antitankgracht.
De otter werd zo veel meer dan een schuw nachtdier.

                                         © ​Yves Adams                             

Het roofdiertje werd een symbool voor de noodzaak van zuiver water en veilige passages. Wanneer er later een otter werd gespot op een afgesloten domein aan de Antitankgracht, voelde dat voor de hele regio als een collectieve overwinning.
Het bewees dat onze droom van een 'otterparadijs' geen utopie is, mits we de barrières in ons landschap durven aanpakken.
Deze speelse doch doeltreffende benadering kreeg onlangs een extra gezicht met de campagne "Bijtandje Houtkantje".

Het boegbeeld hiervan is een guitig ventje met een stralende smile en een heus 'struikgebit'.
Waar er nu vaak gaten gapen in ons landschap, herinnert zijn groene gebit ons eraan dat de regio haar breedste glimlach pas terugkrijgt als de houtkanten weer als vitale lijnen door de velden kronkelen.
Hij is de vrolijke ambassadeur die iedereen oproept om letterlijk een tandje bij te steken voor deze essentiële groene aders.
Deze aanpak vertaalt zich ook in de strijd voor "onzichtbare" bewoners, zoals de boommarter of de vleermuizen langs de Antitankgracht.
Onze dertien gepassioneerde natuurfotografen zijn de ogen van de vereniging en liggen vaak urenlang onbeweeglijk in de modder voor die ene flits van een boommarter of een behoedzame ree.


Deze 'lenzen-helden' zijn zo goed gecamoufleerd dat de fauna soms bijna over hen struikelt, en hun geduld wordt beloond met een collectieve Groene Duim en een unieke fles 'Duimpjesbier'.
Dit bier, vaak een Westmalle Trappist voorzien van een speciaal etiket met een boommarter, otter of bever, is in de Voorkempen inmiddels een gewild verzamelobject.

Niemand minder dan bioloog Dirk Draulans had de eer om deze flessen met het beveretiket te overhandigen aan de laureaten, terwijl hij zelf glunderend een exemplaar vasthield als bewijs dat natuurbehoud best vloeibaar mag zijn.


De Groene Duim zelf is onze ultieme schouderklop voor wie de natuur echt in zijn hart draagt, van bekende koppen als Dieter Coppens en Els Beeckx tot de stille krachten zoals bioloog Michiel Cornelis, landschapsbeheerder Anne Stuer en de onvermoeibare zwerfvuilruimers die de Antitankgracht bewoonbaar houden voor Olga de Otter.


Vandaag staan we voor de grootste uitdaging tot nu toe: de realisatie van een stevige klimaatgordel rond Antwerpen.
Dit is geen oefening in meer regels, maar een unieke oproep tot verbinding om eilandjes van natuur, landbouw en erfgoed samen te voegen tot één robuust landschap.
In dat kader staat de uitnodiging voor Minister Jo Brouns alvast warm klaar: we nodigen hem van harte uit voor een portie koffiekoeken of een nachtelijke wandeling aan de rand van de Schietvelden.
Want een dossier over ontsnippering begrijp je pas écht als je zelf met de laarzen in de modder staat en ziet waar de verbindingen voor dieren als Olga stokken.
We hopen dat de minister mee de tanden zet in deze historische verbinding, want een klimaatbestendige toekomst vraagt om visie én de nodige middelen voor het VAPEO (Vlaams Actieplan Ecologische Ontsnippering), zodat de Schietvelden eindelijk weer één geheel worden binnen die gordel.

Of het nu gaat om het uitreiken van de Groene Duim aan verbindende figuren zoals Dieter Coppens, of het vieren van de "Viva Vrijwilligers"-campagne, GroenRand bewijst dat de mooiste resultaten niet in de rechtszaal worden geboekt, maar ontstaan op de grens van bos en veld. Natuur is immers geen grens die ons scheidt, maar de grond die ons verbindt.



           
                                     World cleanup  - onze vrijwilligers





Magie zonder partituur: waarom vogelgezang de beste remedie tegen stress is

Magie zonder partituur: waarom het gezang van vogels de ultieme remedie tegen stress vormt

De spreeuw zit al enkele dagen vrolijk te zingen op de rand van het dak en geeft daarbij het beste van zichzelf, inclusief regelmatig enthousiast geflapper met zijn vleugels om de aandacht te trekken. Het is een beeld waar bioloog Dirk Draulans onlangs over schreef, en het is een gevoel dat we maar al te graag met hem delen.

De natuur ontwaakt en dat is niet alleen prachtig om te zien, het is essentieel voor ons fysieke en mentale welzijn.
Ook de merels en roodborsten in de tuin zijn sinds enkele dagen ’s ochtends aan het zingen.
Waar het tot voor kort niet meer was dan wat voorzichtig gefrezel op dode momenten van de dag, maakt het volledige ochtendzangkoor zich nu klaar voor de lente.


Op zijn favoriete natuurgebied Doelpolder Noord in de Waaslandpolder hoorde Draulans de eerste leeuweriken zingen. Hoewel nog voorzichtig, is dit elk jaar een heuglijk moment, al stemt het ook droevig: tegenwoordig moet je wel naar natuurgebieden als je akker- en weidevogels als de leeuwerik wil horen, aangezien onze akkers en weilanden grotendeels vogelloos zijn geworden.


Zelfs de eerste insecten voelen de lentekriebels; dit weekend werd een nog wat versufte dagpauwoog gespot en in de tuin van Dirks moeder zaten al tientallen bijtjes te genieten van de overvloed aan krokussen.


Het is vroeg — hopelijk niet té vroeg, want met de klimaatopwarming weet je nooit.
De mooiste vogelwaarneming van de voorbije week was echter een zangstonde van een troep spreeuwen hoog in een populierenbosje.
Het was adembenemend, een soort samenzang zonder partituur die toch nooit chaotisch klonk.
Een halfuur lang luisteren in de rust van het bos, met alleen de spreeuwen en het klateren van een beekje, zorgde voor een magisch gevoel van geluk bij thuiskomst. Dat dit geluk geen toeval is, werd onlangs bevestigd door een nieuwe wetenschappelijke publicatie in het Duitse vakblad Landscape and Urban Planning. Het onderzoek beschreef de reacties van mensen op natuurlijke vogelzang en kwam tot de onvermijdelijke conclusie dat vogelgeluiden mensen blijer en rustiger maken. Positieve emoties nemen toe wanneer je je een tijdje toespitst op het vogelgeluid en alle andere activiteit in je hoofd eventjes on hold zet.
 De hoeveelheid stresshormonen in het bloed van de proefpersonen nam door dit luisteren met maar liefst een derde af, een effect dat bovendien een tijdlang standhield.
Voor dit resultaat is niet eens een enorme biodiversiteit nodig.

De zang van gewone vogels in tuinen of parken volstaat, zolang je je er maar eventjes op concentreert. Het valt op dat in interviews met mensen die van het platteland naar de stad verhuisden, het gemis van vogelzang dikwijls het enige negatieve is dat ze aanhalen. Vogels maken mensen blij, zelfs zonder dat ze het beseffen, en dat geldt ook voor andere natuurgeluiden zoals het ruisen van bladeren en het klateren van water. Het illustreert dat wij in feite gemaakt zijn voor een leven in de natuur en minder voor een stadsbestaan. Mogelijk schuilt daarin de oorzaak voor de onstuitbare opmars van mentale beslommeringen waar velen vandaag mee worstelen. Beleidslui houden hier best rekening mee als ze maatregelen overwegen om nog meer te tornen aan de weinige natuur die ons rest, of als ze subsidies voor tegelwippen, ontharding en de vergroening van speelplaatsen willen schrappen. Het zijn niet louter economische ontwikkelingen die welvaart verschaffen, en dat is een boodschap die Dirk Draulans ook uitdraagt als trouwe medestander van de vereniging GroenRand.

Hij helpt daar bij de uitreiking van de Groene Duim in het kasteel van Vrieselhof, een eerbetoon aan zij die zich inzetten voor de lokale natuur.

Wie zelf aan de slag wil om dit geluk in de achtertuin te halen, kan met eenvoudige ingrepen helpen. Zorg voor een ondiepe schaal met vers drinkwater en plant besdragende struiken zoals de lijsterbes of meidoorn als natuurlijke cafetaria. Laat vooral ook wat bladeren en dode takken liggen, want in die rommelige hoekjes vinden vogels hun insecten. Bied veilige schuilplaatsen aan via nestkasten of dichte hagen en varieer met voer, van vetbollen voor mezen (zonder plastic netjes!) tot zaden op de grond voor vinken. Zo help je de natuur en investeer je direct in je eigen dagelijkse portie gezondheid, want zoals Dirk Draulans en GroenRand benadrukken: natuur is geen luxe, maar een noodzaak voor ons mentaal welzijn. Foto's: Facebookpagina Dirk Draulans - GroenRand en Frank Vermeiren




GroenRand verlegt de bakens: focus op beleidsopvolging boven publieksacties

GroenRand zet een nieuwe koers uit: de nadruk ligt voortaan op beleidsopvolging in plaats van publieksacties

In de Antwerpse Voorkempen zet de burgervereniging GroenRand zich met hart en ziel in voor het herstel, de verbinding en de ontsnippering van de lokale natuurgebieden.
Hun aanpak is constructief en hoopvol waarbij bemiddeling en samenwerking met partners zoals de Provincie Antwerpen, lokale besturen en natuurorganisaties centraal staan.

De visie om de Voorkempen als strategisch laboratorium te gebruiken stoelt op de overtuiging dat natuurherstel niet enkel over aparte gebieden gaat, maar vooral over de onderlinge landschappelijke samenhang.
In een regio die gekenmerkt wordt door een extreme graad van verharding en verkaveling, fungeert de Voorkempen als een representatieve microkosmos voor de rest van Vlaanderen.
Juist omdat de uitdagingen hier zo complex zijn door de druk van de nabijgelegen haven van Antwerpen en de dichte bevolkingsgraad, dient de regio als een testomgeving waar innovatieve ruimtelijke planning en politieke wil samenkomen.

De organisatie stelt dat als men in dit intensief gebruikte landschap de natuurlijke samenhang kan herstellen, het onomstotelijke bewijs geleverd is dat ecologische veerkracht overal in Vlaanderen mogelijk is.
De fundamentele drijfveer is de strijd tegen de ecologische eilandtheorie waarbij natuur momenteel te vaak overleeft op geïsoleerde snippers, wat onvermijdelijk leidt tot genetische verarming.
Populaties van gidssoorten zoals de gladde slang, diverse soorten vleermuizen, de otter, de bever, de boommarter en de kamsalamander kunnen niet migreren, waardoor inteelt optreedt en lokale populaties bij de minste tegenslag uitsterven.
GroenRand zet daarom alles op alles om binnen de schoot van het complex project De Nieuwe Rand een robuuste Klimaatgordel te realiseren, die als een vitale, natuurlijke spons onze regio moet beschermen tegen zowel extreme droogte als wateroverlast. Centraal in de aanpak staat defragmentatie door het installeren van fysieke infrastructuur zoals indrukwekkende ecoducten en veilige ecotunnels boven en onder wegen en spoorwegen. Dit sluit naadloos aan bij het Vlaams Actieprogramma Ecologische Ontsnippering oftewel VAPEO.
De Antitankgracht vormt de blauw-groene ruggengraat en het fundament van dit netwerk.

Als kunstmatige, transversale verbinding koppelt zij onafhankelijke beekvalleien aan elkaar zoals de Laarse Beek, de Kaartse Beek, de Kleine Schijn, de Grote Schijn en de Zwanebeek.

In het noordwesten vormt de gracht een massief netwerk dat start bij het Fort van Stabroek en via de Schans van Smoutakker de schakel vormt naar het Kasteeldomein Ravenhof en het Moretusbos, de officiële westelijke toegangspoort naar de Brabantse Wal.
Dit gebied fungeert bovendien als een officiële toegangspoort tot het uitgestrekte Grenspark Kalmthoutse Heide.

In Kapellen en Brasschaat rijgt de gracht gebieden aan elkaar zoals het Mastenbos, het vochtige Het Rood, het Elsenbos en het Ertbrandbos, dat via een strategische passage naadloos aansluit op de zuidgrens van het Grenspark.

In Brasschaat zelf vormt de gracht een essentiële verbinding tussen natuurdomein De Uitlegger en de enorme militaire domeinen van het Groot en Klein Schietveld die samen drieduizend hectare heide en vennen beslaan.


Langs de gracht in Schilde zijn vitale gebieden veiliggesteld door Natuurpunt en ANB zoals het Gravinnenbos, het Wolvenbos, de Lage Haar, het Verbrand Bos, Den Inslag, de Putse Heide en de Moerhoflaan, evenals de uitgestrekte domeinen La Garenne en Rinkven.

Vanuit Rinkven loopt de verbinding verder via de Brechtse Heide, de Bergeyckse Bossen, Drieboomkensberg en het Molenbos richting het Vliegveld van Malle.

Op dit vliegveld is door grootschalige ontharding meer dan zestien hectare asfalt verwijderd voor heideherstel, wat aansluit op het omliggende erfgoedlandschap van Heihuyzen, Zalfen en het Zalfens Gebroekt, evenals domein Blommerschot en de Beulkbeemden.

Deze route vertrekt vanuit de Antitankgracht ter hoogte van het Vrieselhof en loopt via de vallei van de Grote Schijn naar het Zoerselbos om via de Tappelbeek en de Delfte Beek het vliegveld te bereiken. Een voorgesteld ecoduct over de E34 bij de Delfte Beek moet de link maken met zuidelijke natuurgebieden zoals Krabbels-Lovenhoek, de Krabbebossen, de Graafweide-Schupleer en de Vuilvoort.

De realisatie van de Klimaatgordel binnen De Nieuwe Rand gaat nu een beslissende fase in.
Hoewel extra milieustudies naar geluid en lucht voor vertraging zorgden, wordt momenteel in februari en maart 2026 de laatste hand gelegd aan het ontwerp-voorkeursbesluit.

Zodra de Vlaamse Regering dit ontwerp rond eind mei 2026 goedkeurt, start het wettelijke openbaar onderzoek van zestig dagen.
Gedurende deze periode kan iedereen officieel reageren om in het najaar tot een definitief voorkeursbesluit te komen.
Vanaf de presentatie van het voorstel eind mei - begin juni richt GroenRand al haar energie op deze laatste inspraakronde om de natuurdoelen juridisch veilig te stellen.
Op dat moment is er geen ruimte meer voor publieksactiviteiten.

Alle focus ligt op de ambtelijke afronding en de transformatie naar de definitieve rol als strategische beleidsmonitor.
De eerdere acties waarbij commissieleden zoals Lydia Peeters, Sanne Van Looy, Bieke Verlinden en Mieke Schauvliege de minister confronteerden met munitie van GroenRand, waren in feite een succesvolle testcase voor deze nieuwe fase.

Deze generale repetitie toonde aan hoe effectief GroenRand als parlementaire hefboom kan fungeren door parlementsleden te voeden met keiharde data.
In de nabije toekomst, zodra het ontwerp-voorkeursbesluit eind mei - begin juni wordt gepresenteerd, zullen verschillende parlementsleden de minister opnieuw ondervragen over de definitieve begrotingsposten.
Voor deze parlementsleden staat één ding vast: bevlogen woorden over ontsnippering en klimaatadaptatie verliezen hun waarde als de nodige budgetten uitblijven.
GroenRand aanvaardt niet dat grote ambities verwateren tot vage beloftes.
Door voluit te investeren in de Klimaatgordel, ontsnippering, de Antitankgracht, houtkanten, beekvalleien en de otter, doorbreekt GroenRand de politieke traagheid en bewijst ze dat visie in de Voorkempen direct leidt tot tastbare resultaten voor onze natuur. Foto's - kaarten: Nieuwe Rand en GroenRand