donderdag 23 april 2026

De verborgen verhalen van de groene ruggengraat: Frank Vermeiren over de kleine zwartkop in de Voorkempen

Verborgen verhalen van de groene ruggengraat: Frank Vermeiren over de kleine zwartkop in de Voorkempen


Het is weer tijd om de veters strak te trekken en de verrekijker af te stoffen, want Frank Vermeiren duikt voor GroenRand opnieuw het struikgewas in voor zijn indrukwekkende vogel-encyclopedie.
In deze reeks ontsluit deze gepassioneerde reporter de natuurpracht van de Voorkempen, waarbij hij de groene ruggengraat van de regio, de Antitankgracht, als vast decor gebruikt.
Zijn werk ademt een diepe verwondering en hij heeft het unieke talent om ons mee te slepen in de verborgen soaps die zich dagelijks afspelen in de vogelwereld.
Nu hij bij de letter k is aangekomen, zet hij de schijnwerpers op de kleine zwartkop, een keuze die strategisch noodzakelijk is voor de voortgang van zijn alfabetische overzicht.
Frank benadrukt hierbij heel duidelijk dat we het uitgebreid over de gewone zwartkop zullen hebben zodra we aan de letter z van zijn encyclopedie zijn beland.
Het is essentieel om te begrijpen dat de kleine zwartkop in onze regio uitsluitend een uiterst zeldzame dwaalgast is en hier absoluut niet tot de vaste bewoners of broedvogels behoort.
De reden dat we deze vogel hier vrijwel nooit zien, heeft alles te maken met een heel specifieke voorkeur voor een habitat die wij in Vlaanderen simpelweg niet op grote schaal hebben.


De kleine zwartkop is namelijk een echte specialist van de mediterrane maquis, een landschap van droge en extreem dichte doornstruiken dat je vooral in het zuiden van Europa vindt.
Waar onze gewone zwartkop zich kiplekker voelt in de vochtige loofbossen en weelderige braamstruwelen van het Zoerselbos, zoekt zijn kleine neefje de hitte en de droogte van olijfgaarden op.
Naast de habitat speelt ook de temperatuur een doorslaggevende rol, want deze vogel is evolutionair volledig ingesteld op de milde winters en de verzengende hitte van het Middellandse Zeegebied.
In zijn thuisland is hij vaak een standvogel die dapper de winter trotseert, maar de Belgische koude en vochtigheid vormen historisch gezien een onoverkomelijke grens voor een stabiele populatie.


Zijn aanwezigheid in de Voorkempen is dan ook bijna altijd een navigatiefout van een jonge vogel die door een genetisch foutje precies naar het noorden in plaats van het zuiden is gevlogen.
Wanneer zo'n vogel hier per ongeluk landt, gebruikt hij onze parken of verwilderde tuinen als een soort noodstop omdat de dichte begroeiing daar nog het meest lijkt op zijn zuidelijke maquis.
Wie deze zeldzame gast wil onderscheiden van de gewone zwartkop, moet heel goed letten op de gitzwarte kop die bij de kleine variant veel dieper doorloopt tot ver over de wangen.


Het meest spectaculaire kenmerk van de kleine zwartkop is echter de vurig rode oogring, die de vogel een felle en bijna exotische blik geeft in vergelijking met het donkere oog van de gewone variant.
Bovendien bezit de kleine zwartkop een contrastrijke spierwitte keel die scherp afsteekt tegen de grijze borst, terwijl de gewone variant een veel egaler grijs-wit uiterlijk heeft.
Ook in formaat en gewicht is er een merkbaar verschil, want de kleine zwartkop is met zijn twaalf tot zeventien gram net een tikkeltje slanker en lichter dan zijn algemene neef.


In zijn mediterrane broedgebied bouwt hij een uiterst licht en bijna doorzichtig nest van fijne grassen, dat vaak zo fragiel is dat de zon er dwars doorheen schijnt.
Omdat de kleine zwartkop hier niet broedt, zullen we dit kunstige vlechtwerk helaas nooit in de Voorkempen aantreffen, waar hij enkel kortstondig stopt om uit te rusten.
Concrete waarnemingen van deze dwaalgast zorgen dan ook voor trillende handen bij vogelspotters, zoals het exemplaar dat op 7 juli 2021 de show stal in Park Vordenstein in Schoten.


Naast Park Vordenstein zijn er in de ruime omgeving van Antwerpen ook meldingen bekend uit de ruige struwelen van de haven en natuurgebieden zoals De Kuifeend waar je echt geluk moet hebben.
Hoewel de kleine zwartkop een zeldzame traktatie blijft, is de gewone zwartkop de laatste decennia spectaculair in aantal toegenomen in de Voorkempen door natuurlijker bosbeheer.
De gewone zwartkop is wél een fervente broedvogel in onze streek en langs de hele Antitankgracht kun je momenteel talloze zingende mannetjes horen die hun territorium opeisen.


De gewone zwartkop dankt zijn naam aan de zwarte pet die scherp begrensd boven het oog stopt, wat hem een veel bravere uitstraling geeft dan zijn felle mediterrane familielid.
Het vrouwtje van de gewone variant draagt een roestbruine pet, terwijl het vrouwtje van de kleine variant juist een grijze kop en een meer lichtbruin verenkleed bezit voor een optimale camouflage.
De geschiedenis van deze vogels zit vol met bijna mythische misverstanden, waarbij Aristoteles vroeger dacht dat ze in de winter simpelweg in tuinfluiters veranderden.
In de Romeinse tijd werden deze vogels als vijgeneters beschouwd en belandden ze vaak op het menu van de keizers, een traditie die gelukkig al lang verleden tijd is.
In het noorden kregen ze de bijnaam Monnik of Munk, omdat hun kapje de mensen deed denken aan de tonsuur van een geestelijke die in stilte door het bos dwaalt.
De kleine zwartkop zingt een stuk kwetterender en sneller, terwijl de gewone variant bekend staat om zijn melodieuze en kristalheldere fluittonen die elke wandelaar doen stilstaan.
Deze zang was zelfs zo indrukwekkend dat de componist Olivier Messiaen hem als muze gebruikte en de strofen exact probeerde te vertalen naar de piano.
Bij onraad maken beide soorten dat typische tek-tek geluid, dat klinkt als kiezelstenen die tegen elkaar slaan en in volksverhalen de waarschuwing van de bosgeest werd genoemd.
In de Voorkempen vormen het Zoerselbos, het Vrieselhof en het Peerdsbos het ideale toneel voor de voortplantingssoaps van de gewone zwartkop waar Frank Vermeiren zo smakelijk over vertelt.


Zwartkoppen zijn monogaam voor één seizoen, waarbij het mannetje als een ware architect meerdere speelnestjes bouwt in de bramen of meidoorn om het vrouwtje te imponeren.
Pas als zij een ruwbouw goedkeurt, wordt het nest samen afgewerkt met fijne grassen en worteltjes tot een stevig kommetje op onze eigen Vlaamse bodem.
Tijdens de zomer eten ze enorme hoeveelheden insecten en rupsen, maar in de winter schakelen ze over op bessen en bezoeken ze vaker onze voedertafels voor extra energie.
GroenRand luidt echter de noodklok, want door menselijk toedoen verdwijnen er steeds meer natuurlijke leefgebieden en veilige schuilplaatsen langs de Antitankgracht.
Frank Vermeiren roept ons op om het tij te keren door tuinen weer wilder in te richten met inheemse struiken en doornige begroeiing waar vogels veilig kunnen schuilen.
Alleen door de natuur weer de ruimte te geven, zorgen we ervoor dat de zwartkopfamilie een veilige haven houdt in onze prachtige regio voor de generaties die nog komen.

woensdag 22 april 2026

De toekomst van landbouw en natuurverbindingen in de valleien van de Antwerpse Rand

De toekomst van landbouw en natuurverbindingen in de valleien rond de Antwerpse Rand

De mens is nog maar pas op de aarde en heeft, als een nukkig en eigenwijs kind, het eigen nest al dermate bevuild dat het leven bijna onmogelijk wordt: overbevolking, klimaatopwarming, gewapende conflicten, zure regen, hongersnood, fijn stof, tekort aan drinkwater, kaalgekapte wouden, roofbouw op de natuur en de open ruimten.
Het vormt de concrete invulling van collectief egoïsme, materialisme en kortzichtigheid en vormt spijtig genoeg al enkele eeuwen de basis van het “economisch systeem”, geen wonder dat de aarde kreunt.

Als we door de landschappen stappen van wat, nauwelijks enkele tientallen jaren geleden, “de buiten” heette, zien we vandaag reeksen van duizenden doorgaans onpersoonlijke stenen privé-eilandjes in het groen, waar dezelfde stereotype voortuinen en genetisch verarmde gazons voor een verpauperd “landschap” zorgen, waarbij elke vierkante meter natuur van toen financieel maximaal moest opbrengen.

En waar een campagne voor biodiversiteit weinig of niets zal aan verhelpen aangezien vrijwel alle oorspronkelijkheid van deze kwetsbare en weerloze waarden is verdwenen.
Hier en daar ligt nog een landschappelijk eilandje te wachten op een alweer verwoestend project.
Om dit tij te keren in onze regio, hebben de vier burgerbewegingen GruunRant, GroenRand, Greenplease en Red de Voorkempen de krachten gebundeld voor het behoud en de versterking van de natuur.
Hun samenwerking overstijgt de lokale gemeentegrenzen om de versnippering van het landschap definitief tegen te gaan.
De relatie tussen burger en overheid is in de afgelopen decennia fundamenteel getransformeerd van een gespannen verhouding naar een vorm van constructief partnerschap.

Waar actiegroepen in de jaren '70 en '80 vaak werden getypeerd als rasechte dwarsbomers die vanuit een NIMBY-reflex de barricades opzochten, opereren zij vandaag de dag steeds vaker als professionele onderhandelaars en bemiddelaars.
Deze verschuiving van conflict naar co-creatie vindt zijn oorsprong in de verregaande deskundigheid van de moderne burger, want verenigingen beschikken over een enorme hoeveelheid inhoudelijke autoriteit en zetten strategisch eigen experts, juristen en data-analisten in.
Door de inzet van 'citizen science' verzamelen zij hun eigen data, zoals luchtkwaliteitsmetingen of geluidsregistraties, waardoor zij de discussie met de overheid aangaan op basis van harde feiten in plaats van enkel emotie.


Deze professionalisering zorgt ervoor dat burgercollectieven fungeren als een soort schaduw-administratie die overheden scherp houdt met kwalitatief hoogwaardige alternatieven.
Een treffend voorbeeld hiervan is de samenwerking tussen verenigingen zoals GruunRant, GroenRand, Red de Voorkempen en Greenplease.
Zij zijn geëvolueerd van lokale actiegroepen naar een strategisch netwerk dat over de gemeentegrenzen heen kijkt.
In plaats van enkel plannen tegen te houden, presenteren zij proactieve, regionale visies, zoals de creatie van een aaneengesloten groene gordel in de Antwerpse stadsrand.

Via de zogenaamde 'werkbank-methode' zitten zij als gelijkwaardige partners aan tafel bij officiële overlegorganen, waarbij zij 'nature-based solutions' aandragen voor complexe klimaatvraagstukken.
In plaats van passief af te wachten, nemen deze groepen het voortouw bij het oplossen van maatschappelijke problemen, waarbij zij complexe juridische en procedurele kaders tot in de puntjes beheersen.
Deze 'derde generatie burgerparticipatie' dwingt daarmee een plek af aan de onderhandelingstafel, niet langer als schreeuwende minderheid, maar als een serieuze gesprekspartner die op basis van dossierkennis meedenkt over ruimtelijke ordening en natuurherstel.

De macht van de moderne burgerorganisatie komt zodoende niet langer alleen van het aantal mensen op straat, maar vooral van de kwaliteit van hun argumenten, hun onderhandelingsbereidheid en hun vermogen om als deskundige partner beleid daadwerkelijk mee vorm te geven.
Deze coalitie kijkt naar het grotere geheel: de creatie van een robuuste ecologische corridor van de Antwerpse rand tot diep in de Voorkempen, zodat fauna en flora zich weer vrij kunnen bewegen.
Hun eis is kristalhelder: de resterende open ruimte mag niet langer opgeofferd worden aan korte-termijnwinsten of betonprojecten, maar moet erkend worden als een vitale levensverzekering die ons beschermt tegen de verstikkende hitte, droogte en de dreiging van wateroverlast.


Een leefbare aarde is de verantwoordelijkheid van iedereen, en elke boom, elke lap natuur en elke vervuiling telt.
Er zullen veel mensen van goede wil nodig zijn, zowel bij de burgerbewegingen als bij de overheid.


De tijd van de vooroordelen mag achter rug zijn, toen actievoerders vooral ervaren werden als vervelende, onrealistische dwarsliggers die niet weten hoe de wereld draait, want vandaag vormen GruunRant, GroenRand, Greenplease en Red de Voorkempen de meest realistische stem voor een duurzame toekomst waarin de natuur in de Voorkempen niet enkel overleeft, maar opnieuw tot bloei komt.


In 2025 onderzocht GruunRant, met steun van de provincie Antwerpen, hoe het landbouwlandschap in de vallei van het Klein Schijn versterkt kan worden.
Drie landbouwbedrijven kregen daarbij via Boerennatuur Vlaanderen ondersteuning om verschillende maatregelen in de praktijk uit te testen.
Belangrijk om te benadrukken is dat dit initiatief specifiek uitgaat van GruunRant en niet van GroenRand, hoewel voor beide burgerbewegingen de vallei van het Klein Schijn van cruciaal belang is.
GruunRant zet in op diversiteit en wil paal en perk stellen aan de verdere aantasting van de schaarse open ruimte.

Volgens hen zijn grotere, robuuste landschappen niet alleen beter voor de biodiversiteit, maar ook voor de mens.
Ook vanuit landbouwperspectief zijn aaneengesloten gebieden essentieel om efficiënt te kunnen werken.
In een stedelijke context komen bovendien vaak verschillende functies samen in die open ruimte: (stads)landbouw, sport, natuur, waterberging en -infiltratie, veilige verplaatsingen te voet en per fiets, en zachte recreatie.
GruunRant is vooral actief in de stedelijke rand rond Deurne, Wijnegem, Wommelgem, Merksem, Ekeren, Brasschaat, Schilde en Schoten.
GroenRand is actief in de groene rand van Antwerpen en bestrijkt elf kerngemeenten: Zoersel, Malle, Schilde, Brecht, Ranst, Brasschaat, Schoten, Kapellen, Stabroek, Kalmthout en Wuustwezel.
Voor GroenRand is het Klein Schijn een essentiële ecologische ader die robuuste natuurgebieden in de verre rand verbindt, terwijl GruunRant de vallei ziet als de vitale levenslijn die de leefbaarheid in de stadsrand garandeert.


GroenRand streeft naar het herstellen van ecosystemen via het project Greenconnect door de koppeling van het Grenspark Kalmthoutse Heide met het Groot Schietveld en het Klein Schietveld.
Een tweede grote kern die GroenRand wil verbinden is het Vrieselhof met het Zoerselbos en het project rond het Vliegveld Malle.

De Antitankgracht fungeert als de absolute groene ruggengraat en blauwe klimaatgordel die de werkgebieden van beide bewegingen fysiek met elkaar verbindt.
Deze 33 kilometer lange gracht verbindt vier specifieke valleigebieden: de vallei van het Klein Schijn, de vallei van het Groot Schijn, de vallei van de Laarse Beek en de vallei van de Kaartse Beek.
Op zondag 26 april 2026 stelt GruunRant de resultaten van dit onderzoek voor, met een focus op landbouw in een verstedelijkte omgeving en de vraag hoe toekomstige generaties landbouwers daar nog kansen kunnen krijgen.


Van 13u30 tot 15u30 vindt in De Vier Notelaars in Schoten een namiddagprogramma plaats met de première van de projectfilm, de uitreiking van de jaarlijkse Gruune Schup en een gesprek over de toekomst en rol van landbouw in de Antwerpse rand.
Tom Vervoort, landschapsarchitect en adviseur agro-ecologie bij de provincie Antwerpen, zorgt voor extra inspiratie tijdens dit namiddagprogramma.
Met deze bijeenkomst wil GruunRant de dialoog op gang brengen over de toekomstkansen voor landbouw in de rand van Antwerpen.

Vandaag, op deze 22ste april 2026, viert de natuurvereniging GroenRand vol trots haar tiende verjaardag

Vandaag, op 22 april 2026, viert natuurvereniging GroenRand trots haar tiende verjaardag


De pen van Glenn

De datum is diep geworteld in symboliek, want exact tien jaar geleden kwamen lokale natuurliefhebbers samen in taverne De Kolonie in Brecht om een krachtig antwoord te bieden op de klimaatcrisis.
Wat destijds begon als een kleinschalig burgerinitiatief onder impuls van oprichter Dirk Weyler, is inmiddels uitgegroeid tot de meest invloedrijke ecologische stem in de gehele Antwerpse Kempen.


Vandaag de dag beschikt de vereniging over een actieve achterban van 251 trouwe leden en een professioneel kernteam van zestien medewerkers, waaronder gidsen, fotografen en de huiscartoonist Gie Campo (Gier).


Hoewel Dirk Weyler vandaag nog steeds met passie de communicatiekanalen beheert en als woordvoerder fungeert, ligt de algemene coördinatie inmiddels in de vertrouwde handen van Pieter Haagdorens.


Samen hebben zij onvermoeibaar gestreden voor een ontsnipperd landschap, waarbij de rubriek "De Pen van Glenn" optreedt als het strategische en literaire hart van hun werking.
Het personage achter deze pen, Glenn Solastalgie, is een zorgvuldig geconstrueerd manifest voor modern natuurbehoud.


De voornaam Glenn is afgeleid van het Keltische woord voor vallei, de plek waar water van de flanken naar beneden stroomt en waar historisch de hoogste biodiversiteit te vinden is.
In de visie van de vereniging staat deze naam symbool voor de beekvalleien die als natuurlijke aders door de regio lopen en als logische corridors verschillende landschappen met elkaar verbinden.
Net zoals een Keltische vallei beschutting biedt en een eigen microklimaat creëert, fungeert Glenn als pleitbezorger voor natuur die als buffer dient tegen hitte en droogte.


De achternaam Solastalgie refereert aan het concept van filosoof Glenn Albrecht over de existentiële pijn die gepaard gaat met het verlies van de vertrouwde natuurlijke leefomgeving.
Deze scherpe pen heeft de afgelopen tien jaar de weg geëffend voor grootschalige projecten, met de Antitankgracht als de absolute blauw-groene ruggengraat van de regio.
Deze 33 kilometer lange historische verdedigingslinie is door GroenRand getransformeerd van een militair relict naar een vitale migratieroute voor zeldzame soorten zoals de otter en de boommarter.
In november 2019 werd de campagne rond Olga de Otter gelanceerd nadat sporenonderzoek door het INBO haar aanwezigheid in de gracht definitief bevestigde.


Om ook de jeugd bij dit verhaal te betrekken, verspreidde de vereniging 600 exemplaren van het voorleesboekje 'Olga Otter wordt ziek', waarin de link tussen waterkwaliteit en ontsnippering tastbaar werd gemaakt.
De otter fungeert als een cruciale paraplusoort, waarbij maatregelen voor haar habitat de volledige regionale biodiversiteit ten goede komen.
Naast de otter fungeert de boommarter als een essentiële gidssoort voor de strategische bosverbindingen langs de gracht.


De boommarter gedijt in een aaneenschakeling van waardevolle boskernen die direct aan de Antitankgracht grenzen en als kralen aan een snoer fungeren.
Gebieden zoals het Zoerselbos, het Schildehof, het uitgestrekte 's-Gravenwezelbos, het Drijhoeksbos en de bossen rond het Fort van Oelegem vormen zijn natuurlijke leefgebied.
Ook in De Inslag in Brasschaat, het Wolvenbos en het Mastenbos in Kapellen is deze schuwe bewoner van oude bossen een vaste waarde geworden.
Zijn aanwezigheid in deze groene zones bewijst dat de ecologische verbindingen daadwerkelijk functioneren, mits de barrières tussen deze kernen consequent worden weggewerkt.
Om deze visie wetenschappelijk te onderbouwen, heeft GroenRand ingezet op diverse ontwerpend onderzoeken in samenwerking met het Departement Omgeving en bureau Hesselteer.
Cruciale studies omvatten het knelpuntonderzoek aan de Turnhoutsebaan (N12) in Schilde om de verbinding tussen het Schildehof en het Drijhoeksbos te herstellen via nieuwe fauna-oversteekplaatsen.
Ook het onderzoek naar Klimaatpark De Zwaan aan de Brechtsebaan in Schoten en de ontsnippering van de Schietvelden tonen aan hoe barrières zoals de Essensteenweg effectief kunnen worden opgeheven.
Deze studies vormen de fundamenten voor de vijftien projectfiches die bij de Vlaamse overheid zijn ingediend met het oog op integraal hydrologisch herstel.
Dit plan omvat essentiële slibruimingen in de Antitankgracht en het opnieuw laten meanderen van de vier kruisende beken, zijnde de Kaartse beek, de Laarse beek, het Klein Schijn en het Groot Schijn.
Een specifiek en urgent dossier betreft het heropenen van de gedempte gedeelten van de gracht, zoals in Brecht en ter hoogte van Schildestrand (Moerhoflaan), waarvoor GroenRand pleit voor technische saneringsonderzoeken.


De Klimaatgordel vormt hierbij een onmisbaar onderdeel van het overkoepelende Complex Project De Nieuwe Rand.
Voor het versterken van deze Klimaatgordel, specifiek binnen de GroenRand-regio, is een gerichte investering van 11,5 miljoen euro noodzakelijk.
Al deze ambities zijn inmiddels samengebracht onder de allesomvattende vlag van het visionaire project Greenconnect.
Greenconnect streeft enerzijds naar de erkenning van een Nationaal Park aan de Vlaamse kant, in nauwe aansluiting bij het bestaande Grenspark aan de Nederlandse zijde.
Dit Vlaamse luik focust op de grootschalige koppeling van de Schietvelden met de aanleunende bossen van de Antitankgracht en de uitgestrekte Kalmthoutse Heide.
GroenRand waakt er hierbij streng over dat de oppervlaktecriteria voor nationale parken niet worden verwaterd om het kostbare kwaliteitslabel te beschermen.


Als tussenoplossing voor gebieden die de drempel van 10.000 hectare niet halen, stimuleert de vereniging het nieuwe type van het Regionaal Klimaatpark van circa 3.000 hectare.
Dit voorstel vertrekt vanuit gemeenten die hun klimaatplannen proactief samenleggen en hierin specifiek een hoofdstuk ‘nature-based solutions’ opnemen.
Het belangrijkste praktijkvoorbeeld hiervan is het Regionaal Klimaatpark dat de verbinding realiseert tussen het Vrieselhof, het Zoerselbos en de heropleving van het vliegveld in Malle.
Op dit vliegveld is, in nauwe samenwerking met het Agentschap voor Natuur en Bos, inmiddels ruim 80.000 vierkante meter storend asfalt en beton geruimd.
Deze ingreep maakte de weg vrij voor het herstel van het zeldzame stuifduinlandschap dat vandaag officieel in ere werd hersteld.
Innovatie speelt een absolute sleutelrol in deze toekomstvisie, wat onder meer tot uiting komt in het pleidooi voor een modern beverbeleid op basis van vijf pijlers.
Dit behelst het gebruik van Digital Twins, snelle schadevergoedingen, de installatie van beverpipes, een focus op co-existentie en doorgedreven educatie.
Via de Pen van Glenn worden de "juridische sloten", de bureaucratische hindernissen voor natuurherstel, onvermoeibaar aangeklaagd.


De maatschappelijke impact van de vereniging wordt jaarlijks onderstreept door de uitreiking van de prestigieuze Groene Duim.


In 2026 ging deze prijs naar Wouter Patho en Gie Campo, in 2025 naar Els Beeckx en in 2024 naar Dieter Coppens voor hun uitzonderlijke inzet.


Ook bekende natuurambassadeurs zoals Dirk Draulans, bioloog Anne Stuer en de Mooimakers Tom Van Thienen, Luc Vermeersch en Jef Helderweert werden geëerd.


Zelfs de vzw Red de Voorkempen ontving deze erkenning voor hun jarenlange strijd voor het behoud van de open ruimte.


GroenRand voert tevens actieve politieke druk uit via diverse volksvertegenwoordigers om ministers scherp te bevragen over de voortgang van de Blue Deal en het VAPEO-programma.
Vanaf mei 2026 verschuift de rol van de organisatie definitief naar die van een onafhankelijke toezichthouder die de overheid streng zal toetsen op de feitelijke uitvoering.
De focus wordt hierbij verlegd naar de burger als actieve natuurbeschermer en lokale ambassadeur op het terrein.
De kostbare erfenis van deze eerste tien jaar is een weerbare Voorkempen waar de natuur eindelijk weer fungeert als een verbonden thuis voor mens en dier.

GroenRand viert tiende verjaardag met koerswijziging: “Tijd van sensibiliseren is voorbij, hoog tijd voor druk op het beleid”

GroenRand viert tiende verjaardag met koerswijziging: “Tijd van sensibiliseren is voorbij, hoog tijd voor druk op het beleid”


BRECHT/ VOORKEMPEN -  Op woensdag 22 april, symbolisch op de internationale Dag van de aarde, viert de vereniging haar tiende jubileum en zet dan de publiekswerking stop. Voortaan wil GroenRand vooral achter de schermen wegen op het natuurbeleid in de Voorkempen.

Elke Lamens

21 april 2026 om 11:30



GroenRand ontstond in 2016, in hetzelfde jaar waarin het Klimaatakkoord van Parijs werd ondertekend.
Wat begon als een kleinschalig initiatief van geëngageerde natuurliefhebbers, groeide in tien jaar uit tot een regionale speler in natuurverbinding en landschapsbeheer.

De vereniging zette zich de afgelopen jaren in voor het verbinden van versnipperde natuurgebieden in de Voorkempen, met de Antitankgracht als ecologische ruggengraat.
Met een netwerk van zestien gidsen, schrijvers en fotografen bracht GroenRand natuurverhalen onder de aandacht van een breed publiek.

 

“Informeren alleen volstaat niet meer. De natuurdoelen staan op papier, maar de uitvoering blijft achterwege. De plannen zijn er, de budgetten niet. Politieke beloften blijven te vaak steken in mooie woorden”

Pieter Haagdorens
Woordvoerder GroenRand

Na tien jaar wandelingen, lezingen en sensibilisering trekt de natuurvereniging een duidelijke conclusie: “Informeren alleen volstaat niet meer.
De natuurdoelen staan op papier, maar de uitvoering blijft achterwege. De plannen zijn er, de budgetten niet.
Politieke beloften blijven te vaak steken in mooie woorden”, benadrukt woordvoerder Pieter Haagdorens. GroenRand wil daarom voortaan vanuit de coulissen druk zetten op het beleid. “Onze centrale missie Greenconnect blijft ongewijzigd: de natuur in onze regio versterken door verbindingen te creëren tussen waardevolle gebieden.”

Hoewel de nood hoog is, voorziet de regering tot 2031 geen budget voor het Vlaams Actieprogramma Ecologische Ontsnippering (VAPEO).
“Of het nu gaat om de ontsnippering van de Schietvelden, de Turnhoutsebaan in Schilde, de Brechtsebaan in Schoten of het heropenen van gedempte waterlopen in Sint-Job en Schildestrand, er is geen geld voor.”

Interactief platform

Met het stopzetten van de publiekswerking erkent GroenRand impliciet ook de grenzen van klassieke natuurverenigingen.
Waar jarenlang werd ingezet op draagvlak creëren, kiest de organisatie nu voor een uitgesproken politieke rol.
Om die kracht bij te zetten, transformeerde GroenRand de website tot een interactief informatieplatform.
Daar worden voortaan resultaten uit de commissie Leefmilieu opgevolgd en gepubliceerd, zodat burgers kunnen nagaan in welke mate beleidsbeloften worden omgezet in concrete maatregelen.
De vereniging gaf haar boodschap de voorbije jaren bewust een emotionele lading, onder meer via de columns van Glenn Solastalgie.
De naam verwijst enerzijds naar het Keltische woord Glenn, dat ‘vallei’ betekent, als symbool voor verbinding in het landschap. Anderzijds verwijst solastalgie naar de term van de Australische filosoof Glenn Albrecht, solacium (troost) en algia (pijn), het verdriet dat ontstaat wanneer een vertrouwde leefomgeving door menselijke ingrepen wordt aangetast.
Naast beleidsanalyses via het onlinekanaal De pen van Glenn bevat het platform ook een uitgebreid fotoarchief van acht natuurfotografen, die de biodiversiteit en landschappen in de regio documenteren.


Cartoonist Gie Campo, bekend onder de naam Gier, krijgt een prominente plaats op het vernieuwde platform.
Met kritische spotprenten legt hij knelpunten in het Vlaamse natuurbeleid bloot.
Hij kreeg recent nog de Groene Duim-prijs.
Zijn cartoons ondersteunen de kritiek van GroenRand op het gebrek aan middelen voor ecologische ontsnippering.

Keerpunt na tien jaar

De jubileumviering van GroenRand markeert daardoor meer dan een verjaardag: het is een breekpunt en tegelijk een krachtig signaal.
“De natuur in de Voorkempen heeft geen nood meer aan extra visies of plannen, maar aan politieke keuzes.”
Of GroenRand vanuit de coulissen meer zal bereiken dan op het terrein, moet nog blijken.
Maar dat het geduld met het naar verluidt ‘trage’ natuurbeleid op is, mag duidelijk zijn uit deze koerswijziging. Hier kan je het artikel vinden

De Natuurgeheimen en de vogel-encyclopedie van Frank Vermeiren in de Voorkempen

De natuurgeheimen en de vogelencyclopedie van Frank Vermeiren in de Voorkempen


Het is weer tijd om de veters strak te trekken en de verrekijker af te stoffen, want Frank Vermeiren duikt voor GroenRand opnieuw het struikgewas in voor zijn indrukwekkende vogel-encyclopedie.
In deze reeks ontsluit deze gepassioneerde reporter uit Brecht de natuurpracht van de Voorkempen, waarbij hij de 'groene ruggengraat' van de regio — de Antitankgracht — als vast decor gebruikt.
Zijn werk kenmerkt zich door een diepe verwondering en het vermogen om de kijker mee te nemen in de 'verborgen soaps' van de vogelwereld.


Zo bracht hij reeds indrukwekkende portretten van de havik, de blauwborst en de grote zilverreiger, die hij treffend de 'Witte Ridder van de Voorkempen' noemde.
Frank documenteert niet alleen zeldzame soorten zoals de ijsvogel of de nachtegaal in het Viersels Gebroek, maar schenkt ook aandacht aan de vliegende architecten zoals de huis- en boerenzwaluw en de acrobatische kievit.
In deze aflevering is Frank bij de letter ‘k’ aangekomen, de kleine karekiet, een bewoner van de GroenRand regio die je vooral moet zoeken in de specifieke rietmoerassen en beekvalleien.


Hoewel deze vogel in heel Vlaanderen voorkomt, vindt hij in natuurgebieden zoals De Pont in Schilde of langs de oevers van het Schijn het ideale biotoop om te broeden.
De kleine karekiet is een echte zomergast en een wonderbaarlijke lange-afstandstrekker die pas in de loop van april vanuit Afrika naar onze streken terugkeert en hier blijft tot ongeveer oktober.
Hij overwintert in de verre moerassen van Afrika en legt jaarlijks duizenden kilometers af om precies in dezelfde rietkraag in de Voorkempen uit te komen.
Je herkent zijn aanwezigheid vaak sneller met je oren dan met je ogen, vanuit de dichte rietkragen laat hij zijn karakteristieke, ritmische en krakende zang horen.
Zijn zang wordt echter regelmatig verward met die van de bosrietzanger, een vogel die uiterlijk ook zeer sterk op hem lijkt.


De kleine karekiet is een typisch onopvallend vogeltje, hij is egaal gelig bruin van boven en vuilwit van onderen, verder heeft hij eigenlijk geen expliciete uiterlijke kenmerken.
Een relatief lange snavel is echter een belangrijke hulp voor Frank om hem te onderscheiden van de zeer gelijkende bosrietzanger tijdens het filmen.
Er is geen enkel visueel verschil tussen het mannetje en het vrouwtje, wat hun verborgen leven tussen de stengels nog mysterieuzer maakt voor de toeschouwer.
De kleine karekiet voedt zich voornamelijk met insecten zoals muggen, vliegen en kevers, die hij met uiterste precisie tussen de vegetatie vandaan pikt.
Ook spinnen en larven staan op het dagelijkse menu, en in de nazomer eet hij soms kleine bessen om extra energie op te slaan voor de grote trek.
Hij foerageert onvermoeibaar tussen het riet, waar hij behendig prooien vangt die zich op de bladeren en de verticale stengels bevinden.
De broedtijd van deze rietbewoner loopt van mei tot juli, een periode van intense activiteit in de beekvalleien van de Voorkempen.


Het vrouwtje bouwt een kunstig, komvormig nest dat ze met spinrag en plantenresten stevig vastmaakt tussen meerdere verticale rietstengels.
Ze legt meestal 3 tot 5 eieren, die gedurende ongeveer twee weken door de ouders worden bebroed in hun diepe, veilige wieg boven het water.
Zodra de jongen uitkomen, voeren beide ouders hen onophoudelijk, totdat de jongen na ongeveer 10 tot 12 dagen het nest al verlaten.
Opmerkelijk is dat deze jonge karekieten het nest al verlaten nog voordat ze eigenlijk goed kunnen vliegen, ze klauteren dan als kleine acrobaten door de stengels.
De kleine karekiet is echter ook de belangrijkste gastouder voor de koekoek, die haar eieren heimelijk in de karekietennesten legt.
Als pleegouder brengt de karekiet het koekoeksjong groot, vaak ten koste van de eigen eieren of jongen die door de indringer uit het nest worden gewerkt.
Ondanks deze natuurlijke strijd keren de volwassen vogels vaak trouw terug naar exact hetzelfde broedgebied waar ze het jaar ervoor succesvol waren.
Omdat hij zijn nest zo specifiek tussen stengels vlecht, is hij voor zijn overleving in de Voorkempen sterk afhankelijk van het behoud van overjaars riet langs vijvers en grachten.


De aanwezigheid van deze vogel is een graadmeter voor de kwaliteit van onze moerassen en de rust in de rietkragen.
Franks camera vangt echter meer dan alleen vogels, een van zijn meest unieke ontdekkingen was die van de mysterieuze zwarte ree in het Viersels Gebroek.
Dit dier, met de zeldzame genetische kleurafwijking melanisme, zorgde voor veel opwinding omdat het in de vrije natuur nauwelijks voorkomt.
Melanisme zorgt voor een overschot aan donker pigment, waardoor de ree een indrukwekkende, diepzwarte vacht krijgt in plaats van de gebruikelijke roodbruine kleur.


Waar de zwarte ree vroeger enkel op privé-landgoederen zoals het Hof van Boechout werd uitgezet voor de jacht, symboliseert zijn aanwezigheid vandaag de groeiende biodiversiteit.
Tegenwoordig wordt deze zwarte ree in de regio gezien als een icoon van de wilde natuur die zich herstelt en weer ruimte krijgt.
In de jachtwereld en bij natuurliefhebbers bestaat er een ongeschreven erecode, op een zwarte ree wordt nooit geschoten, het is een onaantastbaar symbool.
Zijn verschijning in de vroege ochtendnevel van het Gebroek is een moment van pure magie dat Frank met zijn lens voor altijd heeft vastgelegd.
Of het nu gaat om de 'ijdelheids-val' van de kauw of de verschijning van een zwarte ree, Frank Vermeiren weet de wilde natuur feilloos op beeld vast te leggen.
GroenRand deelt echter ook een dringende oproep, want door de mens verdwijnen de leefgebieden van vogels en andere dieren in een alarmerend tempo.


Er is steeds minder ruimte om rustig te broeden, te schuilen of simpelweg voldoende voedsel te vinden voor het nageslacht.
Wat er aan natuur overblijft in de Voorkempen raakt bovendien uitgeput door versnippering en de constante druk van de omliggende bebouwing.
De intensieve landbouw en de versnippering van het landschap zorgen ervoor dat de natuurlijke veerkracht van onze regio onder grote druk staat.
Maar GroenRand benadrukt dat het nog niet te laat is, samen kunnen we het tij keren door onze groene ruggengraat te versterken en rietmoerassen te herstellen.
Frank herinnert ons eraan dat we niet naar verre oorden hoeven te reizen om getuige te zijn van spectaculaire natuurverschijnselen zoals de trek van de karekiet of de zeldzame zwarte ree.
Een wandeling langs de Antitankgracht of een stil moment aan de rand van het Viersels Gebroek volstaat voor wie met open ogen kijkt.
Zijn werk is een ode aan de verwondering en een krachtige uitnodiging aan elke inwoner om de rijkdom van onze eigen streek te gaan ontdekken.
Frank blijft onvermoeibaar speuren, filmen en vertellen, want elke nieuwe opname is een essentieel puzzelstukje in zijn groeiende encyclopedie.


De kleine karekiet en de zwarte ree zijn slechts twee van de vele schatten die verborgen liggen in het struikgewas van de Voorkempen.
Elke keer als Frank zijn camera opstelt, onthult hij een wereld die voor de meeste voorbijgangers onzichtbaar blijft in de dagelijkse drukte.
Laten we koesteren wat we hebben en de vliegende architecten en mysterieuze bosbewoners de ruimte geven die ze zo hard nodig hebben om te overleven.
De passie van Frank Vermeiren en de inzet van GroenRand zijn de drijvende krachten achter het behoud van deze cruciale ecologische verbinding.
Zo blijft de Voorkempen een magische plek waar de kleine karekiet elk voorjaar zijn krakende lied kan aanheffen vanuit het oude riet.
Elke zin van dit verhaal getuigt van de noodzaak om onze natuur te koesteren, zodat ook toekomstige generaties de 'Witte Ridder' en de zwarte ree kunnen bewonderen.


Uiteindelijk leert Frank ons dat natuurbehoud begint bij echte verwondering, en die verwondering begint bij het leren kennen van de buren in onze eigen achtertuin.
Want alleen wat we kennen en waar we van houden, zullen we met passie blijven beschermen tegen de oprukkende verstedelijking.
Met elke stap die Frank in het Viersels Gebroek zet, groeit de hoop op een toekomst waarin natuur en mens in harmonie naast elkaar kunnen blijven bestaan.
De Antitankgracht fungeert hierbij als een reddingslijn voor talloze soorten die anders geen schijn van kans zouden maken in ons dichtbevolkte landschap.
Frank documenteert de kwetsbaarheid van dit evenwicht en spoort ons aan om de resterende groene snippers met zorg te beheren en waar mogelijk uit te breiden.
Door de verbondenheid van gebieden als De Pont, het Viersels Gebroek en de vallei van de Schijn te versterken, creëren we een robuust ecosysteem.


De kleine karekiet herinnert ons eraan dat kleine acties, zoals het laten staan van een pluk riet, een wereld van verschil maken voor een vermoeide reiziger uit Afrika.
Zo wordt zijn vogel-encyclopedie niet alleen een verzameling beelden, maar een krachtig manifest voor het behoud van de wilde Voorkempen.
Zolang Frank Vermeiren zijn veters blijft strikken, blijft de verborgen pracht van onze regio in het licht staan.