GroenRand presenteert de Boerenzwaluw: Onze Blauwzwarte Atleet is onderweg!
Als reporter voor GroenRand heb ik mezelf een stevig doel gesteld: ik neem u het komende jaar mee op een ontdekkingsreis door onze lokale natuur van A tot Z.
In deze reeks staat elke letter van het alfabet voor een vogel die onze regio kleur geeft.
Vandaag zijn we aanbeland bij de letter B en die staat deze maand onbetwistbaar in het teken van de boerenzwaluw (Hirundo rustica).
Maar voordat we de lucht in kijken om deze vlieger te spotten, neem ik u graag even mee achter de schermen van onze vereniging.
U vraagt zich misschien af hoe al die mooie natuurprojecten in onze regio betaald worden.
Wel, dat gaat niet vanzelf.
De natuur heeft namelijk een stem nodig op de plek waar de beslissingen worden genomen: het parlement.
Daarom werkt GroenRand nauw samen met verschillende volksvertegenwoordigers.
Zij zijn onze directe lijn naar de politiek.
Deze politici fungeren als een cruciale schakel door de bevoegde minister in Brussel voortdurend scherp te houden.
Na overleg met GroenRand stellen ze doelgerichte vragen over de voortgang van projecten en strijden ze vol energie voor de nodige financiering om onze bossen en velden gezond te houden.
Hoewel we dus vaak in de politieke wandelgangen te vinden zijn voor dit lobbywerk, blijven we met beide voeten in de Kempense klei staan.
Onze website is volledig vernieuwd om u nog beter te informeren en we hebben een team van twaalf toegewijde reporters die als de ogen en oren van de Voorkempen fungeren.
Zij leggen elke bijzondere gebeurtenis in onze natuur nauwgezet vast en dat dit harde werk loont, bewijzen de opmerkelijke natuurwaarnemingen van de afgelopen jaren.
Het is vandaag 6 maart.
Terwijl de zon de eerste voorjaarsgeuren uit de Kempense zandgrond trekt en de temperatuur eindelijk de dubbele cijfers haalt, kijk ik onwillekeurig naar de nok van de stal.
Ik bruis inmiddels weer van de energie en sta te popelen om het veld in te trekken.
Ik zoek dan ook het hele luchtruim af om de eerste zwaluw te kunnen spotten.
"Vogels kijken blijft toch een heerlijke hobby en zo is het maar net!" zeg ik vaak tegen mezelf als ik met mijn verrekijker in de aanslag sta.
Hoewel de lucht nog even leeg blijft, verlang ik enorm naar hun terugkeer.
Het vrolijke gekwetter van de boerenzwaluw met zijn donkerblauwe rug, witte buik en roodbruine keel en voorhoofd geeft me het gevoel dat we de winter overleefd hebben en dat het vanaf nu beter wordt.
De boerenzwaluw onderscheidt zich door zijn diep gevorkte staart met lange staartpennen.
Ik geef de mensen altijd een handig ezelsbruggetje mee: een boer gebruikt een hooivork die erg lijkt op de staart van deze zwaluw.
In de volksmond zijn het de brengers van de lente, blijdschap en geluk.
Helaas herinnert het gezegde ons eraan dat één zwaluw nog geen lente brengt.
De boerenzwaluw is een ware wereldburger die op alle continenten voorkomt.
Tijdens het broedseizoen verblijft hij noordelijker, soms zelfs tot voorbij de poolcirkel in Scandinavië.
De exemplaren die bij ons in Vlaanderen broeden, hebben de winter doorgebracht in West- en Centraal-Afrika in landen als Ivoorkust, Ghana en Nigeria. Sommigen trekken zelfs 10.000 tot 15.000 kilometer ver tot in Zuid-Afrika.
Op dit moment zijn ze bezig aan hun hachelijke terugreis.
De foto's die ik presenteer zijn dus van vorig jaar.
Tussen eind maart en begin juni keren ze terug naar ons land met een piek eind april.
Ze vliegen op de brandstof van insecten die ze onderweg met hun breed geopende bek uit de lucht pikken zoals muggen, motten en kleine kevertjes.
Ze bereiken indrukwekkende snelheden van wel 100 km/u tijdens de jacht.
Ook drinken is een spektakel: ze scheren rakelings over het wateroppervlak en dippen hun ondersnavel kort in het water.
De eerste verkenners bereiken ons meestal rond eind maart na een tocht waarbij ze de Sahara en de Middellandse Zee trotseren.
Ze navigeren op het aardmagnetisch veld dankzij magnetiet-kristallen in hun snavel en cellen in hun binnenoor.
Uit ringonderzoek blijkt dat een boerenzwaluw die tien jaar oud wordt maar liefst 300.000 vliegkilometers op de teller kan hebben staan.
Om de toestand van onze broedvogels echt te begrijpen, steunt Vlaanderen op het ABV-project (Algemene Broedvogelmonitoring Vlaanderen).
Dit wetenschappelijke monitoringsprogramma, gecoördineerd door het Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek (INBO) in samenwerking met Natuurpunt, werd opgestart in 2007, wellicht reeds na de grootste crash van de populaties.
Hoewel de boerenzwaluw ooit een van de talrijkste bewoners van ons platteland was, tonen de ABV-cijfers aan dat de soort het moeilijk heeft.
Sinds 2007 zien we in Vlaanderen gelukkig een stabiele aantalsontwikkeling.
De populatie wordt momenteel geschat op 50.000 à 100.000 broedparen.
In de Voorkempen fungeert de boerenzwaluw als een 'graadmeter' voor de kwaliteit van ons landbouwgebied.
Daartegenover staan de gebundelde Europese cijfers uit 26 verschillende lidstaten die gemiddeld een duidelijke afname vaststellen.
Boerenzwaluwen zijn uiterst honkvast en leven in een kolonie.
Ik ken verhalen van vogels die na hun wereldreis op exact dezelfde spijker of richel in een stal landen.
De meeste vogels keren ieder jaar terug naar hetzelfde nest.
Dat nest is komvormig en opgebouwd uit honderden propjes modder, ook wel het lemen nest genoemd, verstevigd met strohalmen.
De bouw van een nieuw nest duurt 5 tot 12 dagen.
Als het oude nest er nog hangt, voeren ze liever herstellingswerken uit.
Dat bespaart hen enorm veel energie en tijd in vergelijking met een nieuw nest opbouwen.
Laat oude zwaluwnesten dus zeker hangen!
Ze nestelen het liefst in open stallen met vee maar ook onder bruggen, afdaken of soms zelfs in woonkamers bij de mensen thuis.
Ik hoorde onlangs nog een anekdote van zwaluwen die op een luster in de gang broedden terwijl de bewoners eronderdoor liepen.
Onderzoek wijst uit dat nesten nabij menselijke activiteit vaak een hoger broedsucces hebben omdat roofdieren op afstand blijven.
Dit kan zolang ze maar de garantie hebben dat ze vrij in en uit kunnen vliegen.
Bij de partnerkeuze is het vrouwtje kritisch.
Ze kiest steevast het mannetje met de langste staartveren omdat dit voor haar super aantrekkelijk is en duidt op een gezonde conditie en een sterk immuunsysteem.
Na de paring legt ze 4 tot 6 gespikkelde eitjes.
Ze begint met broeden en na ongeveer twee weken komen de jongen uit het ei gekropen.
Dan breekt er een hectische tijd aan want al die keeltjes gillen constant om voedsel.
De ouders voeden de jongen met een prop insecten die in de keel bewaard wordt. Oudere jongen krijgen tot wel 400 keer per dag eten aangevoerd door de ouders.
Samen vangen ze op goede dagen wel 6.000 tot 9.000 insecten per dag om de jongen te voeren.
Gemiddeld eten ze hun eigen gewicht aan insecten per dag.
Na ongeveer 21 dagen verlaten de kleintjes het nest en begint het spannendste deel van hun leven.
Ze blijven nog wel een paar dagen rond het nest maar moeten dan zelf leren jagen. Veel jonge zwaluwen sneuvelen helaas in deze periode.
Pa en ma denken dan vaak al aan een tweede of zelfs derde legsel. Dat is maar goed ook want slechts 1 op de 5 boerenzwaluwen keert na de winter terug op de nestplaats.
De rest sneuvelt door zandstormen, roofvogels of uitputting.
In onze Vlaamse dialecten bestaan prachtige bijnamen voor de vogel zoals zwalum, zwolm en zwalie.
Ook staan ze bekend als weervoorspellers. Mijn grootvader zei altijd dat hij geen weerbericht nodig had.
De wijsheid "vliegt de zwaluw hoog dan blijft het droog" is wetenschappelijk onderbouwd: bij mooi weer stijgt de warme lucht en stijgen de insecten mee omhoog.
Vliegen ze laag dan drukt de naderende bui de insecten omlaag.
Zelfs zeelieden eerden de vogel: een zwaluwtattoo stond voor 5.000 zeemijl aan ervaring en een veilige thuiskomst.
In vele culturen brengt een nest aan het huis geluk, harmonie en bescherming tegen onheil.
Hoewel dit ooit een van de talrijkste broedvogels was in en nabij landbouwgebied, heeft de soort flinke klappen gekregen.
De boerenzwaluw staat op de Vlaamse Rode Lijst als achteruitgaand.
De oorzaken zijn divers: moderne stallen zijn vaak potdicht (minder broedgelegenheid), vee staat vaker op roosters en schuren zijn minder toegankelijk geworden.
Bovendien neemt de insectenrijkdom af door insecticiden, te weinig afwisseling in gewassen, verstedelijking en grootschalige landbouw.
Deze verarming van de planten- en insectenwereld werkt sterk in het nadeel van deze vogel die zich het beste thuis voelt op het ouderwetse platteland.
Wettelijk gezien is de boerenzwaluw een streng beschermde inheemse vogelsoort op grond van de Europese Vogelrichtlijn.
In Vlaanderen is het verboden om hun nesten opzettelijk te vernielen of te verwijderen, zelfs buiten het broedseizoen.
Na de broedperiode verzamelen ze zich vaak in rietvelden om te overnachten alvorens ze in september en oktober in grote groepen naar Afrika vertrekken.
Ze gaan meestal net iets later naar het zuiden dan de huiszwaluwen.
Maar laat ze nu eerst maar eens terugkomen naar Vlaanderen!
Ik kan niet wachten hun gezellige gekwetter weer te horen.
Dus laat het mooie weer en de zwaluwen maar komen!
Geen opmerkingen:
Een reactie posten