De wolf als ecologische motor of ijzeren gordijn: de dubbelzinnige rol van de Limburgse roedel
De wolf is veel meer dan een toevallige passant in onze bossen want hij vervult een heleboel belangrijke functies in een gezond ecosysteem.
Door de wildpopulaties op een natuurlijke manier te beheren en ziektes te bestrijden helpt hij onze bossen om zichzelf te herstellen.
Hij helpt bij het in toom houden van grazers en bezorgt aaseters voedsel via de resten van zijn prooien.
Toch is het op dit moment nog niet altijd duidelijk op welke schaal dit positieve effect ook voor ons kleine land geldt.
Maar misschien hoeft de wolf ook helemaal geen nut te hebben voor de mens om er gewoon te mogen zijn als onderdeel van onze natuurlijke wereld.
Op woensdag 25 maart raakte bekend dat de wolvin die vorige donderdag werd aangereden in Oudsbergen wel degelijk de bekende Limburgse wolvin Noëlla is.
Dat is de oermoeder van de wolven die nu in Vlaanderen rondlopen en sinds ze hier in 2019 aankwam wierp ze maar liefst 30 welpen in onze regio.
Haar overlijden betekent het definitieve einde van een tijdperk voor de allereerste Vlaamse roedel.
Het tragische nieuws leidt tot een enorme golf van reacties bij zowel de fervente voorstanders als de kritische tegenstanders.
Noëlla was dan ook niet zomaar een dier in het bos.
Zij was de oermoeder van de eerste Vlaamse roedel en tegelijk de directe aanleiding voor hevig protest in de regio.
Samenleven met al die wolven loopt namelijk niet altijd van een leien dakje voor de omwonenden en de lokale veehouders in de streek.
Vraag dat maar aan de aangeslagen baasjes van de pony's en geiten die de afgelopen jaren verloren gingen.
Ook de eigenaars van dure renpaarden die vorige zomer en herfst werden doodgebeten zitten met de handen in het haar.
De spanningen liepen vorig jaar zelfs zo hoog op dat er wilde complottheorieën de ronde deden over de herkomst van de dieren.
Sommige bewoners beweerden met klem dat natuurhulpcentra de wolf bewust hadden uitzet in de Limburgse bossen.
Natuurlijk is daar nooit enig bewijs voor gevonden maar het toont wel de enorme polarisatie in de dorpen aan.
Elke week houden we de vinger aan de pols van onze aarde wat betreft de klimaatverstoring en de energietransitie.
We kijken naar de biodiversiteit en de vervuiling om te zien waar we nu precies staan met de natuur in Vlaanderen.
Hoe moet het nu eigenlijk verder met de terugkeer van dit toproofdier na zoveel jaren van volledige afwezigheid?
Dat werpt de fundamentele vraag op waarom we al die wolven nu toch zouden moeten dulden in onze eigen streken.
Om het wat scherper te formuleren welke rol spelen dieren daadwerkelijk voor de mens en voor het behoud van de natuurlijke balans?
Deze vraag werd voorgelegd aan drie wolvenexperts die ieder hun eigen kennis en kijk hebben op de terugkeer van het dier.
De wolf kan wildoverlast in toom helpen houden maar kenners waarschuwen dat we dit effect nu ook weer niet moeten overschatten.
Een groot roofdier zoals de wolf speelt een belangrijke rol in een ecosysteem door te jagen op oudere of zieke dieren.
Hij richt zijn pijlen ook vaak op de heel jonge dieren die een makkelijke prooi vormen in het struikgewas.
Tot voor kort waren de grootste roofdieren in ons land de vos en de das en de marter.
Die kleine roofdieren kunnen echter geen grote prooidieren aan zoals een volwassen ree of een everzwijn.
De vraag rijst of de wolf niet kan helpen om bijvoorbeeld de overlast door everzwijnen wat in te dijken in onze bossen.
Hans Moyson van het WWF weet echter dat de wolf op everzwijnpopulaties een kleinere impact heeft dan vaak wordt gehoopt.
De wolf spitst zich namelijk vooral toe op de biggen en de jongen die sowieso vaak vroeg sterven.
Zelfs zonder de aanwezigheid van een wolf halen veel van die jongen het volgende seizoen niet.
Het reeënbestand zal de komst van de wolf dan weer wel degelijk voelen in de dagelijkse praktijk van hun overleving.
Jan Loos van de organisatie Welkom Wolf schetst dat maar liefst 75 procent van de natuurlijke prooien van de wolf uit hoefdieren bestaat.
Dat is overal in Europa zo maar de specifieke invulling hangt af van het aanbod in het territorium waar de wolf verblijft.
In de Veluwe in Nederland gaat het dan om het edelhert en het damhert en het ree.
Bij ons in Vlaanderen is de keuze een stuk beperkter en is het simpelweg ree en ree en nog eens ree.
Een wolf heeft om de drie dagen een flinke hap vlees nodig om gezond te blijven.
Voor een enkel individu komt dat neer op ongeveer 100 grote prooien per jaar in zijn leefgebied.
Dat kan weinig lijken op het totale aantal reeën maar volgens Moyson kan de wolf het aantal lokaal wel degelijk effectief drukken.
Niet alleen doordat wolven de dieren daadwerkelijk opeten maar ook doordat de grazers minder tijd krijgen om rustig en ongestoord te eten.
Hierdoor zijn de dieren minder fit en krijgen ze uiteindelijk ook minder jongen wat de populatiegroei aanzienlijk kan vertragen.
Dat effect is in het buitenland al uitvoerig vastgesteld door wetenschappers.
Het is echter nog niet helemaal duidelijk hoe sterk dit in het versnipperde Vlaanderen zal spelen op de lange termijn.
Wolven kunnen de wildpopulaties niet alleen kleiner maar ook gezonder houden door systematisch de zwakke en zieke dieren te doden.
Maar dat effect zal je niet zo snel lokaal op één enkel perceel zien.
Het doet zich eerder voor op een veel breder en regionaal niveau in de grotere natuurgebieden.
Daar heb je in het algemeen wat meer wolven voor nodig op een groter territorium om echt een meetbaar verschil in gezondheid te maken.
Wanneer grote grazers bang worden voor de wolf en hun gedrag aanpassen verandert de natuur om hen heen vaak ten goede.
In 2018 bleek nog uit metingen dat slechts 15 procent van de beschermde Europese natuur momenteel in een werkelijk goede staat is.
De vorige Europese Commissie nam dat probleem zo ernstig dat ze de natuurherstelwet uitvaardigde om dit tij internationaal te keren.
Voor Vlaanderen is het door de versnippering en hoge bevolkingsdichtheid nog moeilijker dan in andere landen om natuur te herstellen.
Het Amerikaanse natuurpark Yellowstone geeft een goed idee van welk effect wolven kunnen hebben op de bebossing en de biodiversiteit.
Daar werd de wolf in 1995 opnieuw geïntroduceerd na een afwezigheid van 70 jaar in de wildernis.
Na die herintroductie raakten de valleien plots opnieuw dicht bebost door jonge bomen.
Zelfs de loop van de rivieren zou er veranderd zijn doordat de bomen langs de oevers weer steviger konden wortelen.
De oevers werden niet langer volledig afgevreten door de herten die daar voorheen ongestoord konden grazen.
Al is dat laatste volgens Joachim Mergeay van het Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek vooral een heel goed verteld verhaal.
In de Hoge Venen eten herten en everzwijnen en reeën zoveel ontluikend groen dat natuurlijk bosherstel er zonder menselijke hulp heel moeilijk is.
Daarom werden er vroeger soms barrières geplaatst om de jonge scheuten te beschermen.
Nu de wolf er is moet dat op sommige plekken niet meer gebeuren omdat de grazers vaker in beweging blijven.
Daardoor worden er per perceel tienduizenden euro's uitgespaard die anders naar dure afrasteringen zouden gaan.
De wolf zorgt ervoor dat de dieren niet meer alles rustig kaal vreten aangezien ze zich vaker moeten verplaatsen.
Ontluikende knopjes krijgen zo de kans om uit te groeien tot volwaardige bomen in het bos.
De natuur herstelt zich op deze manier op een volledig natuurlijke en kosteloze wijze.
Dat is extra belangrijk nu er door de klimaatverandering wereldwijd meer oude bomen sterven en we vervanging hard nodig hebben.
Elke roedel kan een lokale impact hebben op bosherstel al zijn er in Vlaanderen nog geen specifieke studies gebeurd om dat te meten.
Hoe meer roedels er zijn hoe groter de impact uiteraard zal zijn op de structuur van onze resterende bossen en natuurgebieden.
Vooral in Wallonië is er volgens de kenners nog plaats voor veel meer roedels in de uitgestrekte wouden.
Er wordt geschat dat daar nog plek is voor zo'n 15 tot 20 extra groepen wolven.
Jan Loos van Welkom Wolf ziet in de Nederlandse Veluwe hoe de wolf ook zeldzame dieren aantrekt waaronder belangrijke aaseters.
Vorig jaar stootte hij daar nog op twee zeearenden bij een dood hooglanderkalf dat de prooi was geweest van een wolf.
Deze vogels waren speciaal overgevlogen vanuit de Flevopolder om mee te kunnen genieten van het karkas.
Zo ontstaat er een hele nieuwe ecologie rond de prooien en zelfs de drollen van wolven.
Dit alles geeft een enorme boost aan de lokale biodiversiteit in het gebied.
Dat zijn niet alleen grote en spectaculaire dieren zoals de arend.
Ook wouwen en koolmezen en vlinders en diverse soorten kevers profiteren volop van deze resten.
Binnenkort landen misschien ook de gieren uit de Pyreneeën in onze streken omdat zij steeds vaker in de Lage Landen belanden.
GroenRand ziet de wolf dan ook als een hefboom voor algemeen natuurbehoud.
Omdat dit dier enorme en aaneengesloten leefgebieden nodig heeft dwingt zijn aanwezigheid ons om versnipperde natuur weer te verbinden.
Als we de ruimte creëren die een wolf nodig heeft beschermen we als een soort paraplu tegelijkertijd honderden kleinere planten- en diersoorten.
De terugkeer van de wolf is voor hen dan ook het levende bewijs dat de natuur eindelijk weer ademruimte krijgt in ons dichtgebouwde landschap.
Sinds haar aankomst in 2019 en het eerste nest met wolf August in 2020 groeide Noëlla uit tot dé kernfiguur van de Limburgse wolven.
In totaal bracht ze vijf nesten voort waaronder vier met August en na zijn tragische dood een vijfde met de Nederlandse wolf Maurice.
In totaal was dit goed voor een 35-tal welpen over de jaren heen.
Veel van deze jonge wolven zwierven uit om elders in Europa nieuwe territoria te gaan zoeken.
Een van de jongen vestigde zich na lange tijd onder de radar te blijven succesvol in de Antwerpse Noorderkempen.
Dit dier kreeg de naam Emma en bevestigde de verdere verspreiding van de soort in onze regio.
De aanwezigheid van een toppredator in een dichtbevolkt gebied als Vlaanderen werd door velen onmogelijk geacht.
Noëlla bewees echter dat natuurherstel zelfs in een versnipperd landschap een krachtige realiteit kan zijn.
De grootste uitdaging voor de wolf blijft echter ons versnipperde landschap met een enorme wegendichtheid.
Met vijf kilometer weg per vierkante kilometer heeft Vlaanderen na Malta het dichtste wegennet ter wereld.
Jaarlijks sterven er naar schatting vijf miljoen dieren in ons verkeer op de Vlaamse wegen.
Inmiddels eiste dit moordende verkeer ook het leven van in totaal minstens 20 wolven.
Hoewel het verkeer de vestiging en voortplanting niet tegenhoudt moet Vlaanderen meer doen om alle wilde dieren te beschermen.
De locatie waar Noëlla het leven liet op de N76 is exemplarisch voor hoe het momenteel niet moet.
Dit is een weg die dwars door een natuurkern snijdt waarbij de snelheid werd opgetrokken naar 90 km/u.
Hoewel er een wildraster staat met een opening stierven er de afgelopen maand twee wolven op exact die plek.
Het waarschuwingssysteem met de speciale lichtborden is volgens het INBO bovendien vaak defect.
De tol voor de voortplanting van de wolven is op deze manier werkelijk gigantisch te noemen.
Van de 28 welpen die tussen 2020 en 2023 in Noord-Limburg werden geboren stierf de meerderheid nog voor hun eerste verjaardag.
Het gaat om maar liefst 18 van de 28 welpen die sneuvelden in het drukke verkeer.
Nederland staat met een dichtheid van drie kilometer weg per vierkante kilometer op de derde plaats in Europa en toont dat het anders kan.
Eind jaren negentig beslisten onze noorderburen om de knelpunten op hun wegennet systematisch aan te pakken.
Dankzij het Meerjarenplan Ontsnippering kon men op 20 jaar tijd alle knelpunten inventariseren en effectief oplossen.
In 2018 werd het land officieel ontsnipperd verklaard door de overheid.
Om een vergelijkbare graad van verbinding in Vlaanderen te bereiken schiet ons land momenteel nog 28 ecoducten tekort.
Er is echter een sprankeltje hoop want recent is een nieuw type kleinschalige faunapassage ontwikkeld.
Dit nieuwe model vergt slechts 10 procent van de kosten van grote ecoducten en kan bovendien sneller geplaatst worden.
Dit systeem is cruciaal voor de volgende fase van de Vlaamse ontsnippering in regio’s zoals de Antwerpse Voorkempen.
De politieke realiteit staat echter in schril contrast met deze dringende ecologische noodzaak.
Op kritische vragen van volksvertegenwoordigers gaf minister Jo Brouns aan dat het nieuwe investeringsprogramma VAPEO nog steeds niet formeel is gevalideerd.
Uit deze bevragingen blijkt een alarmerend gebrek aan middelen voor de komende jaren.
Voor de periode tot 2031 is er momenteel geen substantieel budget voorzien voor nieuwe VAPEO-projecten in Vlaanderen.
Terwijl de minister stelt dat verkeersslachtoffers onder wolven in een dichtbevolkt gebied onvermijdelijk zijn wijst GroenRand op iets anders.
Zij stellen dat dit argument vooral een gebrek aan politieke wil maskeert om het probleem echt aan te pakken.
Zelfs strategische gronden voor natuurverbindingen zoals die tussen het Groot en Klein Schietveld worden niet aangekocht.
Deze gronden hebben vaak een woonbestemming waardoor de reguliere budgetten simpelweg ontoereikend zijn voor aankoop.
Het is aan de Vlaamse regering om dit beleid van het lege spaarvarken nu eindelijk te doorbreken.
Men moet deze innovatieve faunapassages daadwerkelijk inzetten om de missing links in onze natuur definitief te herstellen.
Anderzijds waarschuwt GroenRand met klem voor een groot gevaar dat gepaard gaat met de huidige wolfwerende omheiningen.
Deze omheiningen fungeren vaak als ondoordringbare barrières die alle wilde dieren isoleren van hun leefgebied.
De organisatie stelt dat beschermingsmaatregelen niet ten koste mogen gaan van de broodnodige ecologische verbindingen.
Wanneer we elk weiland hermetisch afsluiten met rasters creëren we ijzeren muren in het landschap.
Deze muren maken de genetische uitwisseling tussen populaties op de lange termijn onmogelijk.
Voor hen is een landschap dat volledig is opgedeeld door hekken geen gezonde natuur meer maar een verzameling van geïsoleerde eilanden.
Het nut van wolven is volgens Joachim Mergeay bovendien een compleet verkeerde insteek en een zeer antropocentrische manier van kijken.
Het gaat erom dat we als maatschappij het Biodiversiteitsverdrag hebben ondertekend om de natuur te behouden.
De natuur is geen winkel waarin je zomaar kan shoppen wat je leuk vindt want dan eindig je met heel weinig biodiversiteit.
In Vlaanderen bestaat meer dan 99,9 procent van de biomassa uit mensen en vee tegenover minder dan 0,1 procent wilde zoogdiersoorten.
Bovendien hebben wij ook een voorbeeldrol te spelen tegenover landen die we vragen om hun tijgers of leeuwen te beschermen.
Met WWF timmeren we aan een duurzame toekomst waarin mensen weer in harmonie samenleven met de natuur.
Dat betekent samenleven met tijgers in Azië en leeuwen in Afrika maar dus ook met wolven in onze eigen Europese bossen.
Noëlla mag dan verongelukt zijn maar haar aanwezigheid heeft ons gedwongen om weer na te denken over echte wildernis.
Het is nu de grote uitdaging om veiligheid te bieden aan veehouders zonder de laatste groene aders van Vlaanderen definitief door te knippen.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten