woensdag 1 april 2026

GroenRand en de Klimaatgordel van de Voorkempen: Strategische transitie via het Vlaams Sponslabel

GroenRand en de Klimaatgordel van de Voorkempen: strategische transitie door middel van het Vlaams Sponslabel


In de columns van "De pen van Glenn" deelt natuurvereniging GroenRand haar visie op de toekomst van onze leefomgeving.
Met een warm hart voor de natuur in de Voorkempen vertaalt Glenn complexe politieke keuzes naar heldere verhalen over wat er echt toe doet voor onze kwetsbare ecosystemen.
Het doel van deze teksten is om mensen bewust te maken van het belang van een gezond klimaat en een sterke focus op natuurverbindingen.
GroenRand fungeert hierbij als een betrokken stem die nauwlettend toeziet op het behoud van onze open ruimte.
Hierbij spelen vernattingsprojecten een cruciale rol, omdat water de basis vormt van een veerkrachtig landschap.
Door water langer vast te houden in de regio, wil GroenRand een natuurlijke buffer creëren die niet alleen de biodiversiteit versterkt, maar ook de omgeving beschermt tegen extreme droogte.

Het herstel van deze natuurlijke sponswerking in de bodem is essentieel om de Voorkempen voor de komende generaties voor te bereiden op de gevolgen van klimaatverandering.
Vlaanderen krijgt de laatste jaren de ene na de andere klap van het weer, van verzopen straten tot kurkdroge zomers.
Om onze steden en gemeenten hierop voor te bereiden, lanceren Vlario en Natuurpunt nu het “Sponslabel”.
Dit nieuwe label laat in één oogopslag zien welke gemeenten hun grondgebied écht klaarmaken voor dit grillige klimaat.
Vroeger zagen we de Antitankgracht in de Voorkempen puur als een dode waterhindernis om vijandelijke tanks te stoppen.


Vandaag tovert GroenRand dit historische monument om tot een levende, blauwgroene ader die ons beschermt tegen een heel nieuwe dreiging.
De klimaatverandering stuurt ons tegenwoordig namelijk twee facturen tegelijk: stortbuien én extreme droogte.
Eerst lopen de kelders en tuinen onder omdat de riolering de enorme hoeveelheden water simpelweg niet meer aankan.
En nauwelijks een paar weken later staan de grondwaterstanden alweer historisch laag en maken we ons zorgen om onze drinkwaterreserve.


Dat komt niet omdat er te weinig regen valt, maar omdat we het water veel te snel kwijtspelen zodra het uit de lucht valt.
We verharden Vlaanderen simpelweg sneller dan de natuur het water kan slikken en bijna zestien procent van onze bodem is nu volledig versteend.
Die 15,7 procent verharding betekent dat meer dan 213.000 hectare aan bodem volledig is afgesloten.
De laatste tien jaar alleen al is er voor meer dan 30.000 voetbalvelden aan beton en asfalt bijgekomen.
Water botst daardoor constant op daken en wegen, waardoor het onmogelijk nog de bodem in kan een trekken naar het grondwater.


Het schiet linea recta de riool in en spoelt naar zee, nog voor de natuur of de landbouw er ook maar iets aan heeft gehad.
Terwijl 2024 het natste year ooit was, blijft Vlaanderen een van de plekken in Europa met het minste beschikbare water per inwoner.
Daarom is dat nieuwe Sponslabel van VLARIO en Natuurpunt zo cruciaal en het motiveert gemeenten om hun beleid fundamenteel om te gooien.
Natuurvereniging GroenRand zet de schouders onder dit project omdat het eindelijk de kracht van natuurlijke oplossingen bewijst.
De Klimaatgordel van de Nieuwe Rand is voor hen de absolute hoeksteen voor een veilig en leefbaar gebied.
Binnen het grote project De Nieuwe Rand is de Antitankgracht nu officieel erkend als de robuuste drager van deze klimaatgordel.
Die rol gaat veel verder dan een groen streepje op de kaart en het is een 33 kilometer lange ecologische ruggengraat voor de hele Antwerpse oostrand.
De onderzoeksnota’s van het project beschrijven de gracht als dé dragende structuur die loopt van de Antwerpse Ring tot diep in de Voorkempen.
Omdat deze gracht bijna de hele regio doorkruist, is het de perfecte plek om CO2-opslag en klimaatweerbaarheid fysiek te verankeren.
Als deze "drager" vervult de Antitankgracht drie cruciale functies die essentieel zijn voor het succes van de klimaatgordel.
Allereerst functioneert de gracht als een vitale ecologische verbindingsas en corridor voor biodiversiteit, waarbij ze grote natuurgebieden zoals de Kalmthoutse Heide, het Groot Schietveld en het Peerdsbos met elkaar verbindt.
Dit stelt paraplusoorten zoals de otter, maar ook de bever en boommarter, in staat om zich veilig door een verder sterk versnipperd landschap te verplaatsen.
Ten tweede fungeert de gracht als een blauw-groene klimaatbuffer en in het kader van klimaatadaptatie is zij een onmisbare schakel bij de aanpak van zowel droogte als wateroverlast.


Door in te zetten op valleiherstel en een verbeterde interactie met kruisende waterlopen zoals de Laarse Beek en de Grote Schijn, helpt de gracht het grondwater aan te vullen en piekafvoeren te bufferen, wat cruciaal is na de recente hete zomers.
Ten slotte vormt de gracht het ruimtelijk kader voor een breed onthardingsbeleid en kwalitatieve waterbeheersing, waarbij overbodige verhardingen in de omgeving worden aangepakt om meer ruimte te geven aan infiltratie en natuurlijke koeling.
De transformatie van dit historisch verdedigingswerk naar een modern klimaatinstrument wordt beleidsmatig ondersteund door het Projectplan Antitankgracht 2026-2031.


Hiermee investeren de Provincie Antwerpen en de Regionale Landschappen samen in een actieve motor voor onze leefbaarheid.
Zeven gemeenten waaronder Stabroek, Kapellen, Brasschaat, Schoten, Brecht, Schilde en Ranst doen actief mee en hebben hun engagement voor dit plan resoluut verlengd.
Samen met diverse partners bewijzen deze lokale besturen dat ze geloven in een krachtige, gebiedsgerichte samenwerking voor de Voorkempen.
GroenRand wil meer inzet van de Vlaamse Overheid om dit project te ondersteunen.
De realisatie van de Klimaatgordel binnen het complex project De Nieuwe Rand betekent een echte breuk met hoe we vroeger in Vlaanderen naar water keken.
Waar de focus decennialang lag op het zo slecht mogelijk afvoeren van overtollig water naar de Schelde en de zee, verschuift de visie nu naar een grootschalig herstel van de natuurlijke sponswerking van het landschap in de Antwerpse oostrand.
Deze vernattingsstrategie is geen lokaal natuurproject, maar een essentieel instrument om de regio weerbaar te maken tegen de extremen van het veranderende klimaat.
In de uitgebreide onderzoeksnota’s van het project wordt vernatting beschreven als de 'blauwe ruggengraat' die de versnipperde open ruimte rond de stad weer met elkaar moet verbinden.
De kern van deze strategie rust op het concept van grondwater-gestuurde vernatting.
In de zandige en zandlemige bodems van gemeenten zoals Wommelgem, Ranst en Schoten is de natuurlijke hydrologische balans verstoord door een fijnmazig netwerk van grachten en drainagebuizen, hoofdzakelijk aangelegd ten dienste van de intensieve landbouw.
De plannen voor de Klimaatgordel voorzien in een actieve deactivering van dit drainagesysteem in de aangeduide valleigebieden.
Door het structureel verhogen van de grondwatertafel wordt de bodem verzadigd, waardoor deze in natte periodes fungeert als een gigantisch bufferreservoir.
Dit proces van 'peilbeheer' is technisch complex omdat het rekening moet houden met de omliggende bebouwing.


Via een systeem van regelbare stuwen en infiltratie-uitwijken wordt het waterpeil tot op het maximaal toelaatbare niveau gebracht zonder de stabiliteit van funderingen in woonkernen aan te tasten.
Door op cruciale plekken zoals in Brecht en nabij het Schildestrand gedempte delen van deze gracht weer open te leggen wordt de waterhuishouding hersteld.
Dit zorgt ervoor dat regenwater niet langer razendsnel wordt afgevoerd maar eindelijk weer de kans krijgt om diep in de bodem te trekken.


Deze vernatting is essentieel omdat het de omliggende natuurgebieden effectief beschermt tegen extreme droogte en het risico op overstromingen verlaagt.
Tegelijkertijd fungeert dit systeem als een natuurlijke airconditioning voor de dorpen door het verkoelende effect van verdamping uit open water en groen.
Wetlands spelen hierin een hoofdrol als de onmisbare nieren van onze natuurlijke omgeving in de rand rond Antwerpen.
Naast de immense wateropvangcapaciteit zijn deze natte natuurgebieden ook uiterst efficiënte natuurlijke opslagplaatsen van schadelijke CO2.
Ze bufferen grote voorraden koolstofdioxide door het in de bodem op te slaan als organisch materiaal zoals wortelgroei en dikke lagen algen.
Een cruciaal aspect van de vernatting binnen de Klimaatgordel is de rol van koolstofvastlegging, ook wel mitigatie genoemd.


In de vallei van de Kleine Schijn en langs de Antitankgracht liggen veenlagen die historisch van groot belang zijn.
Wanneer deze lagen droog komen te staan door een laag grondwaterpeil, treedt er oxidatie op, waarbij enorme hoeveelheden CO2 vrijkomen in de atmosfeer.
De documentatie van De Nieuwe Rand stelt expliciet dat het permanent vernatten van deze veenrelicten een van de meest kosteneffectieve manieren is om de klimaatdoelstellingen van de provincie Antwerpen te halen.
Door deze gronden 'onder water te zetten', wordt het afbraakproces gestopt en transformeert het gebied van een koolstofbron naar een koolstofput.
Waar een ecosysteem in het zogenaamde climaxstadium evenveel uitstoot als opneemt maken wetlands het verschil met een hoge netto biomassatoename.
Deze toename kan in gezonde gebieden zelfs oplopen tot wel vijftien ton CO2-equivalent per hectare per jaar aan opgeslagen koolstof.


Vooral de venen en schorren en slikken zijn hierin de absolute kampioenen van onze lokale Vlaamse natuur.
Bovendien hebben ze een zuiverend effect omdat ze stikstof en fosfor uit het water filteren en essentieel zuurstof en silicium toe voegen.
Dit is cruciaal om algenbloei en verzuring en vissterfte in onze kwetsbare beken en grachten effectief te voorkomen.
Zonder deze gezonde nieren is een veerkrachtig en levend landschap simpelweg niet langer mogelijk voor de komende generaties.
Dit ecologische proces wordt in de plannen direct gekoppeld aan de Europese natuurdoelstellingen (Natura 2000), waarbij de creatie van natte habitats zoals broekbossen, rietlanden en overstromingsgraslanden centraal staat.
De sociaaleconomische impact van deze vernatting op de landbouwsector is een van de meest diepgaand besproken thema's in de projectdocumenten.
De traditionele akkerbouw is onverenigbaar met het beoogde hoge waterpeil in de Klimaatgordel.
Daarom stelt het project alternatieve vormen van landgebruik voor, zoals paludicultuur of 'natte landbouw'.
Hierbij wordt ingezet op gewassen die gedijen in verzadigde bodems, zoals lisdodde, wilgenvloed of veenmos.
Deze teelten kunnen dienen als grondstof voor de bio-gebaseerde bouwindustrie (isolatiemateriaal).
Voor landbouwers die deze transitie niet kunnen of willen maken, voorzien de plannen in uitgebreide kavelruilprogramma’s waarbij zij gronden buiten de vernattingszones krijgen aangeboden in ruil voor hun percelen binnen de valleigebieden.
De kracht van deze klimaatgordel ligt in de verbinding met vier strategische beekvalleien die de Antitankgracht als natuurlijke vertakkingen kruisen.
De Groot Schijn en de Kleine Schijn vormen hierbij de belangrijkste waterassen die de gracht verbinden met de valleigronden van Schilde, Ranst en 's-Gravenwezel.


In het noordelijke segment zorgen de Kaartse Beek en de Laarse Beek voor de noodzakelijke hydrologische link met de grote boscomplexen van Brasschaat, Kapellen en Schoten.
Door binnen deze valleien kunstmatige afvoergrachten te dichten en natuurlijke overstromingsruimte te creëren ontstaat een gezond en aaneengesloten ecosysteem.
Projecten zoals de ontharding van de parking bij het Schildestrand en het hydrologisch herstel in de Lage Haar maken deze visie vandaag concreet.
Hierdoor stijgt het grondwaterpeil structureel wat de verdroging van eeuwenoude bossen tegengaat en de lokale biodiversiteit onmiddellijk versterkt.
Zo bouwt GroenRand aan een landschap waar zeldzame soorten zoals de otter weer alle ruimte krijgen om zich definitief te vestigen.
Uit de modelberekeningen in het plan-MER blijkt dat de grootschalige verdamping (evapotranspiratie) vanuit de vernatte natuurgebieden een koelend effect heeft op de omliggende woongebieden.
Tijdens hittegolven kan de temperatuur in een goed ingerichte, natte Klimaatgordel tot wel 4 graden lager liggen dan in de versteende stadsomgeving.
Dit maakt de vernattingsprojecten tot een essentieel onderdeel van de volksgezondheidstrategie voor de toekomst.
De gordel werkt als een natuurlijke airconditioning die de hittestress in de randgemeenten aanzienlijk vermindert.
Daarnaast is er de synergie tussen de nieuwe infrastructuur en de waterhuishouding.
Bij de aanleg van de geplande weginfrastructuur en tramlijnen wordt gestreefd naar een 'integraal ontwerp'.
Dit betekent dat de wateropvang van de nieuwe wegen niet wordt afgevoerd via riolen, maar direct wordt gekoppeld aan de infiltratiezones van de Klimaatgordel.
Zo draagt de nieuwe mobiliteit bij aan de vernatting van het omliggende landschap in plaats van het verder uit te drogen.
Open ruimte en natte natuur doen voor de waterveiligheid immers veel meer dan klassieke grijze infrastructuur zoals pompen en buizen ooit zullen kunnen.
We onderschatten de natuur nog te vaak als onze sterkste bondgenoot tegen het extreme weer.
Zodra de natuur de ruimte krijgt, krijgt het water de tijd om rustig en diep te infiltreren.
En precies die tijd en rust is wat we in het versteende Vlaanderen vandaag zo hard missen.
Met het Sponslabel willen we die natuurlijke kracht positief promoten bij elk lokaal bestuur.
Een 'spons' worden is geen groen droombeeld, maar bittere noodzaak voor onze veiligheid.
Wie nu nog enkel inzet op water afvoeren, organiseert eigenlijk de rampen van morgen.
Of we overeind blijven bij hittegolven en stortbuien hangt af van hoe goed we water kunnen vasthouden.
Gemeenten die nu niet investeren, zullen later de hoofdprijs betalen aan klimaatschade en herstel.


Het nieuwe label maakt eindelijk zichtbaar wie écht kiest voor ontharding en infiltratie.
Het dwingt ons om beton in te ruilen voor wadi's en levende, natte natuur.
Minister Jo Brouns zegt het ook en ontharden is rechtstreeks investeren in onze economische weerbaarheid.
Voor de burger betekent dit label meer gemoedsrust en minder kans op water in kelders, terwijl groene buurten overdag tot vier graden koeler blijven.
Ook voor ondernemers vertaalt een klimaatbestendige omgeving zich in continuïteit en betere verzekerbaarheid.
Het uiteindelijke doel van GroenRand en de partners is een leefbare omgeving waar water niet langer als een vijand wordt gezien, maar als een natuurlijke verzekering tegen de grillen van het klimaat.
De Klimaatgordel wordt hiermee een robuust, zelfregulerend systeem dat zowel bescherming biedt tegen de impact van extreme neerslag als tegen de gevolgen van langdurige droogte.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten