Een hoopvolle boodschap voor de natuur in 2026
© Eva Beeusaert / AP / Getty Images
Aan het begin van het jaar presenteert Tine Peeters een inspirerende analyse van de natuur. GroenRand sluit zich aan bij haar visie en kijkt met vertrouwen naar 2026, al zullen er op sommige vlakken, vooral financieel, extra inspanningen nodig zijn om de Vlaamse natuur te herstellen. Ondanks het slechte imago van het natuurherstelbeleid in ons land, zien we hierin toch samen reden tot optimisme. Volgens Tine biedt het beleid, ondanks de negatieve perceptie, volop kansen voor herstel en groei, een visie die wij van harte onderschrijven.
Alleen romantici die naar vlinders kijken of wandelaars die bomen knuffelen, zouden voordeel hebben van de natuur. Voor de rest zou het vooral geld kosten, niets opleveren, de landbouw schaden en het leven van boeren verpesten. Cd&v-voorzitter Sammy Mahdi vatte dat sentiment perfect samen toen hij beweerde “dat het stikstofprobleem neerkwam op het redden van drie bomen met een speciale vleermuis in”. In dezelfde trant concludeerde Wouter Van Besien, ex-voorzitter van Groen, na de teleurstellende verkiezingsuitslag in 2019 dat zijn partij beschouwd wordt als ‘de sfeerbederver op het feestje’. “Heb je poen, stem dan Groen, dat asociale beeld hebben we te weinig bijgesteld”, schreef hij in een intern rapport.
Maar een groene politiek is niet enkel goed voor naïeve natuurliefhebbers met een gat in hun hand. Het WWF maakte een kosten-batenanalyse van drie Belgische natuurherstelprojecten (Demerbroeken en Kastanjebos in Vlaanderen, Plateau des Tailles in Wallonië), dat aantoont dat de natuur net genereus kan zijn.
Elke euro die de politiek in ons land aan hoogwaardig natuurherstel uitgeeft, rendeert 8 tot 51 keer op economisch en maatschappelijk vlak. Dat is een return on investment waar menig ondernemer van droomt.
Dat natuurherstelbeleid is dus geen gemorrel in de marge, waarbij de opbrengsten moeilijk in te schatten vallen. Het wérkt, het is meetbaar, het maakt een verschil. Voor bedreigde diersoorten, voor kwetsbare natuurgebieden, voor de lucht- en waterkwaliteit én de klassieke economie.
Opstekers
Er zijn nog opstekers te vinden over de natuur en het milieu. De onderhandelingen duurden zeventien jaar, maar deze maand treedt het Oceaanverdrag in werking, dat de biodiversiteit in internationale wateren moet beschermen. België is het tiende land in Europa waar de bizon weer wordt ingezet. En in Bolivia raakten drie waardevolle ecosystemen opnieuw met elkaar verbonden.
Zelfs uit het klimaatbeleid valt hoop te putten. Ja, de Green Deal wordt door de Europese leiders weer uitgehold. Ja, Donald Trump doet alle inspanningen tegen de klimaatopwarming en voor schonere energie van voorganger Joe Biden teniet.
Toch heeft ook het klimaatbeleid zijn hoopgevende plotwendingen. Wie tien jaar geleden, bij het sluiten van het Parijsakkoord, had durven voorspellen dat hernieuwbare energie in 2025 steenkool wereldwijd zou voorbijsteken als energiebron, zou zijn weggezet als een volslagen gek. Toch is het zo. De exponentiële groei van de ‘Green Tech’ is niet minder dan een revolutie.
Hoogspanningsbeheerder Elia maakte bekend dat de productie van zonne-energie in ons land dit jaar met 21 procent steeg, een absoluut record. Het aandeel aan hernieuwbare energie is hier nu bijna even hoog als dat van kernenergie.
Deprimerende klimaat- en milieuverhalen zijn makkelijk te vinden. Journalisten kunnen er elke dag een krantenkatern mee vullen. Maar naast al die doemberichten zijn er kenteringen die zelfs de grootste criticasters van hernieuwbare energie of meest rabiate tegenstanders van internationale klimaatverdragen wel moeten erkennen.
Alles kan altijd beter, zeker als het over natuurherstel en klimaatbeleid gaat, maar we hadden er ook nog veel slechter kunnen voor staan. © Kama
Landbouw en natuur moeten absoluut hand in hand gaan Ook GroenRand kijkt vol optimisme naar 2026 en het herstel van de natuur, nu steeds meer vrijwillige en officiële organisaties in de Voorkempen de handen ineenslaan om natuurgebieden te verbinden, de waterkwaliteit te verbeteren en versnippering tegen te gaan. Met projecten die de otter als paraplusoort centraal stellen en samenwerkingen zoals de klimaatgordel, het samenwerkingsverband rond het masterplan van het Grenspark en de strategische samenwerking rond de Antitankgracht, wordt een waardevolle bijdrage geleverd aan de biodiversiteit en de leefbaarheid van de randgebieden. In 2026 heeft GroenRand het voornemen om landbouwers een pluim geven voor hun actieve inzet voor natuurbeheer via kleine landschapselementen en beheerscontracten, vaak ondersteund door organisaties zoals de Vlaamse Landmaatschappij (VLM) en de Regionale Landschappen. Met volle toewijding werken deze boeren aan het aanleggen van kleurrijke bloemenstroken en het zorgvuldig onderhouden en creëren van houtkanten, hagen en perceelranden. Zo bevorderen zij de biodiversiteit, bestrijden erosie en verfraaien het landschap. Landbouwers en natuurbeschermers moeten elkaar beter begrijpen, omdat voedselproductie en biodiversiteit onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn.
Het doel is een evenwichtige samenwerking te realiseren waarbij landbouw winstgevend blijft en de natuur met zorg wordt behandeld. © Kama Foto's: Ingrid Boumans
Geen opmerkingen:
Een reactie posten