dinsdag 23 mei 2023

Boerennatuur in het nieuwe Gemeenschappelijk Landbouwbeleid GLB

Boerennatuur in het nieuwe Gemeenschappelijk Landbouwbeleid GLB

                                                                                      ©ecopedia

GroenRand vindt kleine landschapselementen zeer belangrijk want ze bepalen het uitzicht van het landschap maar zijn om nog tal van andere redenen belangrijk.
Voor verschillende dier- en plantensoorten vormen ze een laatste toevluchtsoord.
Roofvogels gebruiken een alleenstaande hoge boom als uitkijkpost.
Vogels vinden er een schuilplaats en amfibieën kunnen zich voortplanten in een poel.
Ze doen dienst als corridor tussen natuurgebieden.
Lijnvormige landschapselementen zoals heggen en bomenrijen bieden planten en dieren een beschutte route van het ene natuurgebied naar het andere.
Puntvormige elementen zoals poelen en bosjes doen dienst als stapsteen en hebben hetzelfde effect.
Binnen het nieuwe GLB gaat veel aandacht en geld richting vergroeningsmaatregelen.
Naast de verplichte vergroeningsmaatregelen (conditionaliteit - de vroegere randvoorwaarden), zijn er verschillende vrijwillige, gesubsidieerde maatregelen.

                                                                                                        ©ecopedia

De verplichte vergroeningsmaatregelen dienen landbouwers te respecteren, wil men als actieve landbouwer toegang krijgen tot de basisbetalingsrechten.
Eén van die maatregelen gaat over biodiversiteit op landbouwbedrijven, waarbij 4% van het bouwland ingevuld moet zijn met niet-productieve elementen (NPE). 

                                                                                                               ©ecopedia

Om voldoende areaal NPE’s te behalen, kunnen landbouwers beroep doen op niet-productieve investeringen (NPI).
De NPI’s zijn een reeks VLIF-steunmaatregelen die breed inzetten op landschap, biodiversiteit, water- en bodemkwaliteit.




Een interessante NPI die meetelt als NPE is het aanplanten van hagen, heggen, houtkanten en bomenrijen.
Van oudsher zijn bomenrijen, houtkanten en houtwallen aanwezig in het landschap.
Oorspronkelijk dienden ze als perceelsscheiding, soms zijn het relicten van voormalig bosgebied.



Tevens waren ze van groot belang als leveranciers van brand- en geriefhout, allerlei vruchten en als beschutting voor het vee.
Voor de biodiversiteit hebben ze een grote waarde als refugium en verbindingselement tussen bosgebieden. 
De investering is 100% subsidiabel en deze lineaire elementen zijn vaak eenvoudiger in te passen in de bedrijfsvoering.


Behalve dat zo het landschap aankleed wordt en een natuurlijke barrière wordt gecreëerd tussen openbare infrastructuur en je percelen, wordt er dus ook gezorgd voor migratieroutes, schuil-, nest- en foerageermogelijkheden voor diverse soorten.
De NPI-steun maakt het mogelijk om een zeer diverse haag samen te stellen, die verschillende natuurlijke plaagbestrijders aantrekt doorheen het seizoen.
Vaak levert het voordelen op wanneer verschillende landbouwers samenwerken voor bepaalde zaken.
Samenwerken kan in de vorm van bijvoorbeeld groepsaankopen.
Zo is het bijvoorbeeld interessant om gebiedsgericht samen te werken rond soortenbescherming.
Het plaatsen van houthakseldammen (NPI) kan ook strategisch op landschapsniveau uitgevoerd worden, om zo modderoverlast maximaal te vermijden.



Ook rond waterconservering loont het meer dan de moeite om samen te werken.
Denk bijvoorbeeld aan het plaatsen van stuwen om op die manier de grondwatertafel  te verhogen. 

De Vlaamse Landmaatschappij (VLM) roept landbouwers op om niet te lang te wachten hun interesse in een beheerovereenkomst te laten blijken.
Dat kan via het e-loket beheerovereenkomsten (e-loket BO) en moet voor 1 september gebeuren. Op die manier is de landbouwer zeker van de gratis en vrijblijvende uitleg van een bedrijfsplanner.
Als de landbouwer dat wil, kan de bedrijfsplanner ook helpen met het aanvraagformulier invullen en indienen.

maandag 22 mei 2023

Nationaal park: GroenRand stuurde 2 open brieven naar gemeentebesturen

 Nationaal park: GroenRand stuurde 2 open brieven naar gemeentebesturen


Er komt dus voorlopig geen Nationaal park.
Op woensdag 17 mei 2023 kwamen de leden van de Bijzondere Commissie van Grenspark Kalmthoutse Heide samen om te beslissen over de indiening van het Masterplan voor de kandidatuur Nationaal Park Vlaanderen.
Deze commissie kwam tot een unaniem akkoord om geen label Nationaal Park te vragen aan de minister, maar wel het sterk samenwerkingsverband rond Grenspark Kalmthoutse Heide te blijven voortzetten.
Hoe dit later gefinancierd moet worden is nog de vraag.
GroenRand pleit nu bij minister van Omgeving Zuhal Demir voor een gesubsidieerde tussenoplossing: een Regionaal Klimaatpark van drieduizend hectare.
Hoewel er enkel financiële steun is voorzien voor de nieuwe Vlaamse Parken, stelt de vereniging voor om het Grenspark, en andere initiatieven waar nog gewerkt moet worden rond draagvlak, onder te brengen in dit derde parktype
De Kalmthoutse Heide was een van de zes kandidaten die waren geselecteerd door een jury, en was dus flink op weg om een van de uiteindelijke vier nationale parken in Vlaanderen te worden. Dat hoeft ook niet te verwonderen: het 6.000 hectare grote grensoverschrijdende (met Nederland) natuurgebied wordt steevast geprezen voor zijn in onze contreien unieke fauna en flora, en is ook bijzonder populair bij wandelaars.
Een erkenning tot Nationaal park zou volgens GroenRand de bescherming van de geselecteerde gebieden versterken, maar ook de recreatie en het toerisme in de omgeving verder laten ontwikkelen.
Alle partners zien ondertussen in het voorliggende Master- en Operationeel plan een sterke basis voor toekomstige samenwerkingen.
Het werk dat afgelopen jaar werd verricht -met de input van alle betrokkenen- is niet verloren.
Het Masterplan brengt noden en kansen in kaart waar er met alle betrokkenen aan gewerkt zal worden.
Er wordt gestreefd om in de toekomst samen met alle partijen rond tafel te blijven zitten om de verschillende doelstellingen te realiseren.
Daarbij willen de Grensparkpartners ook de openheid hebben om nieuwe partners, die het laatste jaar hebben meegewerkt, toe te voegen aan de werking.







OPEN BRIEF 2






Bron; HLN




22 mei, internationale Dag van de Biodiversiteit

 

22 mei, internationale Dag van de Biodiversiteit


GroenRand moedigt het hele jaar het verbeteren van biodiversiteit aan.
Op 22 mei wordt dit belangrijke thema éxtra in het zonnetje gezet tijdens de Internationale Dag van de Biodiversiteit, een initiatief van de Verenigde Naties.



Voor een gezond, vruchtbaar ecosysteem is een natuurlijke balans nodig.
Ter gelegenheid van de internationale dag voor de biodiversiteit, trok de eerste biodiversiteitsmars van ons land door Brussel.
Verschillende milieuorganisaties sloten aan.
Hun boodschap was duidelijk.



Vlaanderen heeft geen goede score behaalt bij het laatste milieurapport van de Europese Commissie.
De biodiversiteit kan veel beter.
95% van de beschermde habitats in het Natura2000 netwerk is in “ongunstige staat van instandhouding”, de slechtste score van de hele Europese Unie.
De redenen van deze slechte score zijn :
- te hoge druk op het milieu door verdroging & stikstof
- te veel versnippering van de natuur




Dit bleek ook uit gegevens van het Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek (INBO).
Van de 44 betrokken habitats waren er slechts drie in goede staat.
Twintig habitats waren er wel op vooruitgegaan, maar niet voldoende.
Planten, dieren en habitats in Vlaanderen scoren ondermaats.



Ook de verbindingen tussen natuurgebieden blijft ver verwijderd van de Europese en Vlaamse doelen.
Samen met verdroging is versnippering de belangrijkste oorzaak van het biodiversiteitsverlies in Vlaanderen.



Veel kritische soorten zijn hierdoor al verdwenen of met uitsterven bedreigd. 
De Vlaamse Rode-Lijstsoorten bewijzen het falen van het Vlaamse natuurbeleid.



Nochtans, open ruimte verbinden en een groenblauw netwerk doorheen het bebouwde weefsel verweven,  kan de biodiversiteit en de ecologische samenhang bevorderen.



Het natuurbeheer was lange tijd alleen gericht op maatregelen in de natuurgebieden zelf.
Landbouwers en natuurverenigingen moeten, via onder meer Vlaamse parken, een klimaatgordel en andere initiatieven, beter samenwerken en naar elkaar luisteren.
Investeren in de natuur is geen luxe.
Het verlies aan biodiversiteit en de ineenstorting van ecosystemen is een van de grootste bedreigingen voor de mensheid in het komende decennium.
In België verkeert maar  5 % van de natuurgebieden in een goede ecologische staat, en wereldwijd neemt de biodiversiteit in een alarmerend tempo af: sinds 1970 is 69% van de soortenpopulaties verdwenen.
Dat heeft rechtstreekse gevolgen voor de drinkwatervoorziening, het klimaat, onze voedselzekerheid en ons welzijn.



Het is vooral de bedoeling om goed functionerende ecosystemen terug te krijgen, die de mens tal van voordelen opleveren (de zogenoemde ecosysteemdiensten), zoals bestuiving, bescherming tegen overstromingen, enzovoort.
Populaties van bedreigde soorten moeten op zo’n niveau worden gebracht dat ze op de langere termijn kunnen overleven. 
Alleen is nog maar 75 procent van het beloofde ‘Vlaams Ecologisch Netwerk’ gerealiseerd. Nog erger is het gesteld met de ‘natuurverwevingsgebieden’: 7.000 hectare is afgebakend, dat is maar 5 procent van de beloofde 150.000 hectare. 
Niemand in Europa wil de natuur volledig in haar oorspronkelijke staat herstellen.
Wel wil de Europese Commissie het natuurverlies van de voorbije decennia counteren door al die versnipperde natuur weer wat ademruimte te geven.

Kalmthoutse Heide wordt geen Nationaal park, maar GroenRand geeft strijd nog niet gewonnen

 Kalmthoutse Heide wordt geen Nationaal park, maar GroenRand geeft strijd nog niet gewonnen











Bron: HLN



Bron: Gva

De atalanta, een veel voorkomende vlinder in GroenRand

 

De atalanta, een veel voorkomende vlinder in GroenRand



Elk jaar weer kijken we vol bewondering naar de kleurenpracht van vlinders.
Nu het wat warmer wordt, verschijnen ze terug op het toneel.
De atalanta, het klein koolwitje en de dagpauwoog zijn de meest voorkomende vlinders in België.



De atalanta is een trekvlinder die je heel de zomer kan tegenkomen.
Met zijn zwarte, oranje en witte kleurschakeringen valt hij goed op.



Vanuit Zuid-Europa trekken deze vlinders vaak in hun eentje naar het noorden (zelfs Scandinavië), om hier te paren en kleintjes te krijgen.
In het najaar trekken de vlinders weer terug naar Zuid-Europa.



Bij sommige trekvogels zien we de laatste jaren, waarschijnlijk onder invloed van de klimaatverandering, het verschijnsel dat sommige individuen in de winter hier blijven.
Maar ze overleven dat meestal niet als het een koude winter is.



Atalanta's leven vooral van nectar, maar ook wel van boomsappen en rottend fruit.
Hij is ook niet kieskeurig voor wat betreft de waardplant (dat is de plant waarop het vrouwtje de eitjes afzet en waaraan de rupsen zich vervolgens te goed doen).



Dat is namelijk de brandnetel en die komt overal, soms in grote getale voor.
Het vrouwtje zet haar groene eitjes één voor één af op de bovenkant van de bladeren van de grote brandnetel.

Foto's Frank Vermeiren - lid van GroenRand

zondag 21 mei 2023

Derde parktype, Dirk Weyler zet de puntjes op de i

 Derde parktype, Dirk Weyler zet de puntjes op de i


Het voorstel rond het derde parktype heeft heel wat teweeggebracht en we kregen tal van vragen.
Coördinator Dirk Weyler heeft getracht deze te bundelen en te beantwoorden.
Dit zal wellicht mijn laatste actie zijn, want hij stopt op 31 mei als coördinator van GroenRand.
Z'n functie zal overgenomen worden door een stuurgroep, waarin hij blijft zetelen.
Op 24 mei is het de Europese dag van het Nationaal park. 
Dit wordt wellicht z'n laatste interview.

24 mei is het Europese Dag van de Nationale parken, dit zou een feestdag moeten zijn voor GroenRand, maar wordt het een dag in mineur?



De 'Europese Dag van de Nationale parken' (The European Day of Parks) vindt inderdaad jaarlijks plaats op 24 mei en is een initiatief uit 1999 van de EUROPARC Federation ter ere van de beschermde natuurgebieden in Europa.
Op 24 mei werd in 1909 het allereerste Nationaal park van Europa ingesteld: Sarek gelegen in Zweeds Lapland.
De Nationale parken richten zich op de bescherming en ontwikkeling van natuur en landschap, natuurgerichte recreatie, onderzoek, educatie en voorlichting.
Dit jaar heeft de Europese Dag van het Nationaal park als thema: ‘Voortbouwen op onze wortels’.
In plaats van voort te bouwen, stellen we uit.
GroenRand vindt dit een gemiste kans.


Inmiddels telt Europa honderden Nationale parken.
Vlaanderen blijft achter?





In het Vlaamse Regeerakkoord 2019-2024 werd de ambitie opgenomen om verschillende Nationale parken op te richten.
Daarmee wil de voltallige regering -via een nieuw beleidskader- het internationaal gekende merk Nationaal Park op een eenduidige en kwaliteitsvolle manier invullen.

Het beleid voorziet een ambitieuze geïntegreerde gebiedswerking die investeert in natuur, landschap en de daaraan gekoppelde maatschappelijke diensten.
Vooral gemeenten twijfelen en stellen uit… 'er zou geen of te weinig draagvlak zijn'.
Er is bijna geen woord zo vaag als het woordje ‘draagvlak’.
Het is een vaak misbruikt begrip om toch vooral niets te hoeven doen.
Dus beste politici, stop met draagvlak te gebruiken voor uw eigen onzekerheden en wees fier over ons erfgoed: 'het grootste ven- en heidegebied van Vlaanderen'.

‘Voortbouwen op onze wortels’ is dit jaar het thema, maar het lijkt afbouwen?




We erven de aarde van onze voorouders en geven het door aan onze kinderen.
Al eeuwenlang zetten mensen zich in om bijzondere natuur en historie te behouden.
De Nationale parken nemen hier een belangrijk rol in: generatie na generatie zorg dragen voor het landschap, erfgoed en onze natuur.
Via Nationale parken kan je trotse landbouwers ontmoeten die met hun familiebedrijf bijdragen aan een harmonieuze samenwerking tussen mens en natuur.
Met Nationale parken willen we verhalen laten zien hoe de mensen, ongeacht hun leeftijd en achtergrond, de schoonheid en magie van de natuur omarmen.
Een belangrijke meerwaarde schuilt in het opstarten van een samenwerkingsverband.
Daarin zitten de lokale gemeenschappen en lokale actoren mee aan het stuur om  waardevolle open ruimtegebieden en de daarin aanwezige topnatuur maximaal te beschermen.
De ruimtebehoefte van de gebruikers van een landschap voor onder andere landbouw, wonen en natuur hoeft niet gepaard te gaan met conflict, maar kan opgelost worden door te zoeken naar synergie tussen deze ruimtegebruikers.
Een Nationaal park geeft ons 25 jaar de tijd om hier aan te werken.
En wat we doen we? We stellen uit, spuien kritiek en gebruiken vertragingsmaneuvers.

De Bijzondere Commissie van het Grenspark Kalmthoutse Heide heeft definitief een einde gemaakt aan de plannen om erkend te worden als Nationaal Park. Wat is jullie reactie?



De commissie is het hoogste bestuursorgaan van het grenspark en bestaat uit de omliggende gemeenten, kleine en grote eigenaren en natuurbeheerders.
Twee jaar geleden lanceerde Vlaams minister van Omgeving Zuhal Demir een oproep voor Nationale Parken. 
En toch vindt men dat er geen tijd genoeg was om draagvlak te vinden.
Dit is typisch voor Vlaanderen, maar dit is iets waar Europa zeker niet mee akkoord zal gaan.
Ondanks inspanningen van de EU en de internationale gemeenschap blijven het verlies aan biodiversiteit en de achteruitgang van ecosystemen in een alarmerend tempo doorgaan, met schadelijke gevolgen voor de mens, de economie en het klimaat.
Dit wordt uitvoerig gedocumenteerd, met name in verslagen van de Intergouvernementele Werkgroep inzake klimaatverandering (IPCC)  en het intergouvernementele platform voor biodiversiteit en ecosysteemdiensten.
Er zijn daarom volgens de EU strengere maatregelen nodig om de klimaat- en biodiversiteitsdoelstellingen van de EU voor 2030 en 2050 te verwezenlijken en om de veerkracht van de voedselsystemen te waarborgen. 
In de Europese Green Deal wordt toegezegd om de natuur te beschermen en te herstellen.
De EU is er tot dusver niet in geslaagd het verlies aan biodiversiteit een halt toe te roepen.
Uit een recente studie die is uitgevoerd in het kader van de beoordeling van de EU-biodiversiteitsstrategie tot 2020 , blijkt dat de EU het verlies aan biodiversiteit tussen 2011 en 2020 niet heeft kunnen stoppen.
De vrijwillige doelstelling om uiterlijk in 2020 ten minste 15 % van de aangetaste ecosystemen te hebben hersteld is niet gehaald.
De vooruitzichten voor biodiversiteit en ecosystemen worden somber gezien en laten zien dat de huidige aanpak niet werkt.
Vlaanderen bengelt hierbij achteraan in het peloton en zal een extra tandje moeten bijsteken.
Er werd verzocht minder in te zetten op vrijwillige toezeggingen en een ambitieuze en ruime strategie voor te stellen waarin wettelijk bindende (en derhalve afdwingbare) streefcijfers voor de EU en haar lidstaten worden vastgesteld.
Natuurherstel zou tevens nodig zijn om de EU in staat te stellen haar verbintenissen in het kader van het Raamverdrag van de Verenigde Naties inzake klimaatverandering en de Overeenkomst van Parijs na te komen. 
Ecosystemen kunnen namelijk grote hoeveelheden koolstofdioxide verwijderen en opslaan en tevens in aanzienlijke mate bijdragen tot het verminderen van de gevolgen van de klimaatverandering.

Wat heeft volgens jullie natuur prioritair nodig?



Wat de natuur nodig heeft, is een netwerk van gebieden die met elkaar in contact staan.
Op die manier kunnen dieren- en plantensoorten van het ene gebied gemakkelijk in contact komen met soortgenoten van andere gebieden.
En dat is belangrijk voor bijvoorbeeld migratie en genetische uitwisseling.
Maar er moet hierbij steeds gezocht worden naar win-winsituaties en de acties moeten voortkomen uit vrijwillige samenwerking, opportuniteiten en kansen.
De uitdaging is de bestaande landschapskwaliteiten te behouden en te versterken en tegelijk de waarde van het landschap te verhogen.
Dit kan door inrichting en beheer van waardevolle landschapselementen, maar ook via maatregelen gericht op natuurlijke plaagbestrijding en bestuiving, en het verhogen van de biodiversiteit.


En dat kan je via Vlaamse parken verwezenlijken? Wat is daar dan voor nodig?



Volgens de huidige normen van de IUCN, de internationale unie voor natuurbescherming, heeft een nationaal park minimaal een omvang van ten minste 10 km² of 1000 hectare nodig.
Onze Vlaamse criteria zijn dus een pak hoger dan de internationale normen.
Nederland heeft 21 Nationale parken, daar hanteert men een minimum oppervlakte van 1000 hectare.
Als je deze op onze normen spiegelt (10.000ha) dan heeft Nederland maar 5 Nationale parken.
Maar de oppervlaktecriteria van 1000 ha ligt onder vuur omdat experts aantonen dat er een groter gebied nodig is om tot een goede biodiversiteit te komen.

Willen jullie de criteria naar beneden brengen?




GroenRand is absolute voorstander om enkel die voorstellen te valideren die echt werk willen maken van een groot park van 10.000 ha, ook al betekent dat dat sommigen uit de boot zullen vallen omdat ze niet aan dat criterium kunnen voldoen.
Onze milieuvereniging bevestigt  dat je 10.000 ha nodig heb om een goede biodiversiteit te garanderen.
GroenRand wil daarom absoluut niet dat de huidige oppervlakte-criteria voor Nationale parken naar beneden bijgesteld worden om op die manier meer kandidaten tevreden te stellen.
Dat zou het kwaliteitslabel van die parken alleen maar uithollen.
Maar veel gemotiveerde indieners zullen de 10.000 ha niet halen.
Dat is spijtig, want je haalt hierdoor veel motivatie onderuit.
In die zin bepleit GroenRand voor de invoering van een derde parktype, met name 'streeksgewijze klimaatparken' (= aaneengesloten gebied met minimum ± 3000 ha groeiend naar…).
Dit kan een eventuele tussenstap (of opstap) zijn naar een toekomstig Nationaal park.
GroenRand vindt het belangrijk dat ook parken die de 10.000 ha oppervlaktecriterium niet halen, een zekere (financiële) erkenning krijgen en zal er alles aan doen om het departement Omgeving ervan te overtuigen om mee te gaan met het idee om ook deze Regionale parken te ondersteunen.

Waarom is dit derde parktype nodig en wat is het doel hiervan? Je geeft het oppervlaktecriterium aan, maar zijn er nog redenen?




Het Masterplan Kalmthoutse heide is geschreven op basis van de criteria die de overheid vooropgesteld heeft voor een 'Nationaal park'. 
Maar, of we het nu graag hebben of niet, de realiteit is simpelweg dat het concept 'Nationaal park' inmiddels zodanig aangebrand is dat er daar bij de lokale besturen - op dit moment - geen draagvlak voor bestaat.
Dat heeft natuurlijk in eerste plaats te maken met het momentum van de voorbije maanden dat beheerst werd en nog steeds wordt door heel de hetze rond de PAS, het MAP, de natuurherstelwet, enz
Echter, als je de beslissingen van de gemeenten leest, dan staat daarin telkens vermeld dat ze het voorliggend masterplan een goed en evenwichtig plan vinden. 
Meerdere burgemeesters hebben dat reeds herhaaldelijk gezegd en/of beaamd in diverse persartikels.
Met andere woorden, er bestaat wel een lokaal bestuurlijk draagvlak voor de gebiedsvisie van het masterplan, maar men durf het niet uit te voeren.
Misschien is het daarom raadzaam om dit meer tijd te geven.
Bovenstaande feiten hebben uiteindelijk geleid tot een consensus, met name tot de goedkeuring van  dit masterplan als visiegebied voor de werking en uitbreiding van het bestaande Grenspark.
Men wil de Vlaamse overheid  vragen om het Grenspark te blijven ondersteunen om dit plan uit te voeren.
De hamvraag is nu in welke mate de minister bereid zal zijn om hier in mee te stappen, want de financiële ondersteuning die zij voorzien heeft is enkel voor de nieuwe 'Vlaamse Parken'.
We stellen daarom voor om het Grenspark-initiatief  (en andere initiatieven waar nog gewerkt moet worden rond draagvlak) onder te brengen in dit derde parktype.
Of de minister ook nog middelen zal voorzien voor dit derde initiatief is uiteraard nog niet duidelijk. 
Echter, het masterplan dat nu voorligt voor het uitgebreide Grenspark, voldoet nog steeds volledig aan al haar selectiecriteria voor een 'nationaal park' en geeft dus nog steeds invulling aan alle doelstellingen die zij via haar Vlaamse parkenbeleid nastreeft.
Alleen is er hier meer tijd nodig om de omvorming van 'Grenspark' naar 'Nationaal park' rond te krijgen. 
Het door ons voorgestelde derde parkinitiatief, kan hier wellicht een tussentijdse oplossing voor bieden!?