De werkelijkheid overtreft de droom: waarom de Hoge Kempen floreert en de Kalmthoutse Heide volgens GroenRand niet langer kan wachten
Glenn is de drijvende kracht achter de natuurvereniging GroenRand in de Antwerpse Voorkempen.
Met een diepgewortelde passie voor het landschap rondom de Antitankgracht geeft hij in zijn vaste rubriek "De pen van Glenn" een stem aan de kwetsbare natuur.
Hij schrijft met veel toewijding over het belang van een gezonde leefomgeving en probeert complexe milieuthema's tastbaar te maken voor iedereen die de regio een warm hart toedraagt.
Zijn missie is geworteld in de hoop op een groene toekomst, waarbij hij zich sinds begin 2026 extra inzet om geen enkele kans op natuurherstel onbenut te laten.
Glenn droomt hardop van de Greenconnect, een visie waarbij hij versnipperde natuurgebieden in de Voorkempen opnieuw wil connecteren tot één grote, gezonde klimaatgordel.
Het aantal wandelaars steeg tot bijna 600.000 per jaar terwijl het aantal toeristische overnachtingen in de regio toenam van 774.300 naar meer dan 3,2 miljoen.
Vandaag de dag beslaat het park een indrukwekkende oppervlakte van 12.742 hectare die verspreid ligt over de grondgebieden van tien verschillende gemeenten.
Deze gemeenten zijn As en Dilsen-Stokkem en Genk en Maasmechelen en Lanaken en Zutendaal en Oudsbergen en Maaseik en Bree en Bilzen-Hoeselt.
Terwijl de Limburgse pioniers terugblikken op dit enorme succes, werpt de situatie een scherp licht op de asymmetrische toestand van de Kalmthoutse Heide aan de andere kant van Vlaanderen.
De vereniging GroenRand voert al jaren een vurig pleidooi om de onnatuurlijke grens in het natuurbeleid weg te werken en de Kalmthoutse Heide eindelijk de volledige erkenning als nationaal park te geven.
De houding van GroenRand is hierin onverzettelijk omdat zij stellen dat de huidige versnippering van statuten een rem zet op de ecologische ambities en de broodnodige investeringen in de Noorderkempen.
Hoewel de natuur in het Grenspark grenzeloos in elkaar overvloeit, is het gebied bestuurlijk gespleten aangezien het aan de Nederlandse zijde al sinds 2001 een officieel nationaal park is onder de naam De Zoom-Kalmthoutse Heide.
Aan de Vlaamse zijde ontbreekt deze status tot op de dag van vandaag wat volgens GroenRand een historische misslag is die de regio economisch en ecologisch benadeelt ten opzichte van de buren.
De eerste aanduiding over de uitzonderlijke natuurwaarde van de Hoge Kempen dateert zelfs al van 1912 toen professor Massart in zijn werk Pour la protection de la Nature en Belgique pleitte voor een groot natuurpark.
Ook in de jaren zestig en zeventig was er herhaaldelijk sprake van de oprichting van natuurparken waarbij de naam Park van de Hoge Kempen al expliciet werd genoemd in diverse visieteksten.
Pas in de jaren negentig kreeg de oprichting echt vorm door de komst van het Regionaal Landschap Kempen en Maasland en de inzet van vier mannen: Ignace Schops, Johan Van Den Bosch, Lambert Schoenmakers en Marc Decoster.
Deze vier initiatiefnemers kregen vanuit de politiek de vraag of zij naast hun kritiek op grote ruimteverslindende projecten in Limburg ook een positief project konden presenteren aan de bevolking.
Johan Van Den Bosch herinnert zich dat zij toen zijn gaan dromen en nadenken over een project dat de internationale standaard van de IUCN zou kunnen evenaren.
De grootste zorg van de projectleider was destijds dat men internationaal zou afgaan als een gieter omdat het gebied door verstoring en versnippering nog niet de vereiste kwaliteit bezat.
In 1998 vroegen de vier pioniers officieel aan de Vlaamse overheid om het initiatief te mogen nemen en twee jaar later mochten zij het integrale masterplan voor het park opmaken.
In 2006 vond de Vlaamse overheid dat er aan voldoende voorwaarden voldaan was omdat de eerste fysieke verbindingen zoals het ecoduct van de Kikbeek over de E314 waren gerealiseerd.
Het succes van de Hoge Kempen stoelt op het model van de toegangspoorten waarbij bezoekers buiten de kwetsbare kern worden opgevangen in thematische centra die elk iets unieks te bieden hebben.
Deze poorten zijn de Lieteberg in Zutendaal met zijn bijen- en vlindercentrum en Kattevennen in Genk met het planetarium en Pietersheim in Lanaken met de kinderboerderij en waterburcht.
Station As biedt oude treinstellen aan terwijl Maasmechelen de enige gemeente is met twee poorten namelijk de Mechelse Heide en de hoofdtoegangspoort Terhills aan de oude mijnsite van Eisden.
Door de uitbreiding in 2020 kwamen daar nog drie poorten bij zoals 't Eilandje in Neeroeteren en de commanderij van Gruitrode en Thorpark in Waterschei naast de instapplaats Edelhof in Munsterbilzen.
Momenteel wordt er zelfs een gloednieuw bezoekerscentrum gebouwd in een authentieke schachtbok van de mijn van Eisden op de Terhillssite om de beleving nog verder te versterken.
Terwijl dit model in Limburg voor enorme economische groei zorgt, kijkt GroenRand met lede ogen naar de gemiste kansen voor de Kalmthoutse Heide in de provincie Antwerpen.
De kandidatuur van de Kalmthoutse Heide voor de status van nationaal park werd in mei 2023 ingetrokken na hevige weerstand vanuit de landbouwsector en vrees voor strengere stikstofregels en extra regeldruk.
GroenRand betreurt deze beslissing ten zeerste en wijst erop dat de juridische twijfels die de tegenstanders aanvoerden inmiddels volledig zijn weerlegd door het hoogste rechtsorgaan van het land.
In het arrest nummer 39 van 2025 heeft het Grondwettelijk Hof geoordeeld dat er absoluut geen juridische obstakels zijn om het parkendecreet in Vlaanderen volledig uit te voeren.
Het Hof verwierp de klachten van de Boerenbond en stelde dat het decreet een solide rechtsgrond biedt die de autonomie van eigenaars en de rechtszekerheid van ondernemers niet ongrondwettelijk schendt.
Volgens de rechters zijn de instrumenten uit het decreet zoals de masterplannen proportioneel en vormen zij geen verbod op economische activiteiten in de omliggende zones van de parken.
GroenRand benadrukt dat na deze uitspraak van het Hof elk politiek argument om de procedure voor de Kalmthoutse Heide niet onmiddellijk te heropstarten volledig van tafel is geveegd.
Zonder de officiële titel loopt de Vlaamse zijde van de heide structurele financiering mis die nodig is voor ontsnippering en het noodzakelijke herstel van de vennen en de zeldzame landduinen.
De vereniging stelt dat een nationaal park statuut juist een internationaal kwaliteitslabel is dat kwalitatieve investeringen en subsidies aantrekt in plaats van lokale ondernemers te beknotten.
De asymmetrie met Nederland is pijnlijk zichtbaar voor elke bezoeker die ziet dat de infrastructuur en de natuurlijke verbindingen aan de noordkant van de grens vaak krachtiger en professioneler georganiseerd zijn.
GroenRand stelt dat de uitbreiding van de Kalmthoutse Heide naar een robuust gebied van 14.000 hectare door de toevoeging van de Schietvelden, de bosgebieden langs de Antitankgracht, het Markiezaat en de Brabantse Wal essentieel is voor de klimaatadaptatie.
De ervaring van de Hoge Kempen leert dat wanneer men durft te kiezen voor natuur op grote schaal de economische voordelen voor de lokale horeca en handel in de dorpskernen vanzelf volgen.
Johan Van Den Bosch stelt dat de werkelijkheid nu beter is dan de droom van twintig jaar geleden en GroenRand wil dat deze zelfde positieve spiraal eindelijk in de Noorderkempen wordt ingezet.
Het is nu aan de Vlaamse regering en de gemeenten Kalmthout, Essen, Kapellen, Stabroek, Brasschaat en Schoten om de juridische zekerheid van het Grondwettelijk Hof te gebruiken voor een doorstart.
De natuur houdt immers geen rekening met landsgrenzen of politieke drempels en verdient daarom een eenduidig statuut over de gehele oppervlakte van dit internationaal waardevolle en kwetsbare gebied.
Alleen door de visie van de Limburgse pioniers te vertalen naar de context van de Noorderkempen kan Vlaanderen bewijzen dat het de bescherming van zijn mooiste landschappen echt serieus neemt voor de toekomst.
De houding van GroenRand blijft onverkort dat elke dag uitstel een gemiste kans is voor de biodiversiteit en voor de sociaal-economische heropleving van de regio rond de heide.
Het succesverhaal van de Hoge Kempen laat zien dat een nationaal park geen gevangenis is voor de omgeving maar juist een motor voor een nieuwe en duurzame vorm van recreatieve welvaart.
De Kalmthoutse Heide heeft werkelijk alles in zich om het vijfde succesverhaal van de Vlaamse natuurgeschiedenis te worden, mits de politiek de moed toont om de droom van GroenRand te realiseren.
Met een diepgewortelde passie voor het landschap rondom de Antitankgracht geeft hij in zijn vaste rubriek "De pen van Glenn" een stem aan de kwetsbare natuur.
Hij schrijft met veel toewijding over het belang van een gezonde leefomgeving en probeert complexe milieuthema's tastbaar te maken voor iedereen die de regio een warm hart toedraagt.
Zijn missie is geworteld in de hoop op een groene toekomst, waarbij hij zich sinds begin 2026 extra inzet om geen enkele kans op natuurherstel onbenut te laten.
Glenn droomt hardop van de Greenconnect, een visie waarbij hij versnipperde natuurgebieden in de Voorkempen opnieuw wil connecteren tot één grote, gezonde klimaatgordel.
Voor hem draait natuurbehoud om het koesteren van wat we hebben en het zorgvuldig bewaken van de open ruimte, zodat ook toekomstige generaties nog kunnen genieten van de rust en de schoonheid van de regio.
Het Nationaal Park Hoge Kempen (NPHK) viert momenteel zijn twintigste verjaardag als het absolute paradepaardje van de Vlaamse natuur en een internationaal baken van hoop voor natuurbeheerders overal in de Lage Landen.
De belangrijkste verwezenlijking van twintig jaar Nationaal Park Hoge Kempen is volgens de initiatiefnemers het simpele feit dat het er effectief gekomen is na jaren van politiek getouwtrek en dromen.
Op 23 maart 2006 opende toenmalig Europees commissaris voor Leefmilieu Stavros Dimas officieel dit eerste Nationaal Park van Vlaanderen in het oosten van de provincie Limburg.
Sinds het officiële ontstaan van dit park is zowel het aantal wandelaars als het aantal toeristische overnachtingen in de regio spectaculair verviervoudigd naar recordhoogtes.
Het Nationaal Park Hoge Kempen (NPHK) viert momenteel zijn twintigste verjaardag als het absolute paradepaardje van de Vlaamse natuur en een internationaal baken van hoop voor natuurbeheerders overal in de Lage Landen.
De belangrijkste verwezenlijking van twintig jaar Nationaal Park Hoge Kempen is volgens de initiatiefnemers het simpele feit dat het er effectief gekomen is na jaren van politiek getouwtrek en dromen.
Op 23 maart 2006 opende toenmalig Europees commissaris voor Leefmilieu Stavros Dimas officieel dit eerste Nationaal Park van Vlaanderen in het oosten van de provincie Limburg.
Sinds het officiële ontstaan van dit park is zowel het aantal wandelaars als het aantal toeristische overnachtingen in de regio spectaculair verviervoudigd naar recordhoogtes.
Het aantal wandelaars steeg tot bijna 600.000 per jaar terwijl het aantal toeristische overnachtingen in de regio toenam van 774.300 naar meer dan 3,2 miljoen.
Vandaag de dag beslaat het park een indrukwekkende oppervlakte van 12.742 hectare die verspreid ligt over de grondgebieden van tien verschillende gemeenten.
Deze gemeenten zijn As en Dilsen-Stokkem en Genk en Maasmechelen en Lanaken en Zutendaal en Oudsbergen en Maaseik en Bree en Bilzen-Hoeselt.
Terwijl de Limburgse pioniers terugblikken op dit enorme succes, werpt de situatie een scherp licht op de asymmetrische toestand van de Kalmthoutse Heide aan de andere kant van Vlaanderen.
De vereniging GroenRand voert al jaren een vurig pleidooi om de onnatuurlijke grens in het natuurbeleid weg te werken en de Kalmthoutse Heide eindelijk de volledige erkenning als nationaal park te geven.
De houding van GroenRand is hierin onverzettelijk omdat zij stellen dat de huidige versnippering van statuten een rem zet op de ecologische ambities en de broodnodige investeringen in de Noorderkempen.
Hoewel de natuur in het Grenspark grenzeloos in elkaar overvloeit, is het gebied bestuurlijk gespleten aangezien het aan de Nederlandse zijde al sinds 2001 een officieel nationaal park is onder de naam De Zoom-Kalmthoutse Heide.
Aan de Vlaamse zijde ontbreekt deze status tot op de dag van vandaag wat volgens GroenRand een historische misslag is die de regio economisch en ecologisch benadeelt ten opzichte van de buren.
De eerste aanduiding over de uitzonderlijke natuurwaarde van de Hoge Kempen dateert zelfs al van 1912 toen professor Massart in zijn werk Pour la protection de la Nature en Belgique pleitte voor een groot natuurpark.
Ook in de jaren zestig en zeventig was er herhaaldelijk sprake van de oprichting van natuurparken waarbij de naam Park van de Hoge Kempen al expliciet werd genoemd in diverse visieteksten.
Pas in de jaren negentig kreeg de oprichting echt vorm door de komst van het Regionaal Landschap Kempen en Maasland en de inzet van vier mannen: Ignace Schops, Johan Van Den Bosch, Lambert Schoenmakers en Marc Decoster.
Deze vier initiatiefnemers kregen vanuit de politiek de vraag of zij naast hun kritiek op grote ruimteverslindende projecten in Limburg ook een positief project konden presenteren aan de bevolking.
Johan Van Den Bosch herinnert zich dat zij toen zijn gaan dromen en nadenken over een project dat de internationale standaard van de IUCN zou kunnen evenaren.
De grootste zorg van de projectleider was destijds dat men internationaal zou afgaan als een gieter omdat het gebied door verstoring en versnippering nog niet de vereiste kwaliteit bezat.
In 1998 vroegen de vier pioniers officieel aan de Vlaamse overheid om het initiatief te mogen nemen en twee jaar later mochten zij het integrale masterplan voor het park opmaken.
In 2006 vond de Vlaamse overheid dat er aan voldoende voorwaarden voldaan was omdat de eerste fysieke verbindingen zoals het ecoduct van de Kikbeek over de E314 waren gerealiseerd.
Het succes van de Hoge Kempen stoelt op het model van de toegangspoorten waarbij bezoekers buiten de kwetsbare kern worden opgevangen in thematische centra die elk iets unieks te bieden hebben.
Deze poorten zijn de Lieteberg in Zutendaal met zijn bijen- en vlindercentrum en Kattevennen in Genk met het planetarium en Pietersheim in Lanaken met de kinderboerderij en waterburcht.
Station As biedt oude treinstellen aan terwijl Maasmechelen de enige gemeente is met twee poorten namelijk de Mechelse Heide en de hoofdtoegangspoort Terhills aan de oude mijnsite van Eisden.
Door de uitbreiding in 2020 kwamen daar nog drie poorten bij zoals 't Eilandje in Neeroeteren en de commanderij van Gruitrode en Thorpark in Waterschei naast de instapplaats Edelhof in Munsterbilzen.
Momenteel wordt er zelfs een gloednieuw bezoekerscentrum gebouwd in een authentieke schachtbok van de mijn van Eisden op de Terhillssite om de beleving nog verder te versterken.
Terwijl dit model in Limburg voor enorme economische groei zorgt, kijkt GroenRand met lede ogen naar de gemiste kansen voor de Kalmthoutse Heide in de provincie Antwerpen.
De kandidatuur van de Kalmthoutse Heide voor de status van nationaal park werd in mei 2023 ingetrokken na hevige weerstand vanuit de landbouwsector en vrees voor strengere stikstofregels en extra regeldruk.
GroenRand betreurt deze beslissing ten zeerste en wijst erop dat de juridische twijfels die de tegenstanders aanvoerden inmiddels volledig zijn weerlegd door het hoogste rechtsorgaan van het land.
In het arrest nummer 39 van 2025 heeft het Grondwettelijk Hof geoordeeld dat er absoluut geen juridische obstakels zijn om het parkendecreet in Vlaanderen volledig uit te voeren.
Het Hof verwierp de klachten van de Boerenbond en stelde dat het decreet een solide rechtsgrond biedt die de autonomie van eigenaars en de rechtszekerheid van ondernemers niet ongrondwettelijk schendt.
Volgens de rechters zijn de instrumenten uit het decreet zoals de masterplannen proportioneel en vormen zij geen verbod op economische activiteiten in de omliggende zones van de parken.
GroenRand benadrukt dat na deze uitspraak van het Hof elk politiek argument om de procedure voor de Kalmthoutse Heide niet onmiddellijk te heropstarten volledig van tafel is geveegd.
Zonder de officiële titel loopt de Vlaamse zijde van de heide structurele financiering mis die nodig is voor ontsnippering en het noodzakelijke herstel van de vennen en de zeldzame landduinen.
De vereniging stelt dat een nationaal park statuut juist een internationaal kwaliteitslabel is dat kwalitatieve investeringen en subsidies aantrekt in plaats van lokale ondernemers te beknotten.
De asymmetrie met Nederland is pijnlijk zichtbaar voor elke bezoeker die ziet dat de infrastructuur en de natuurlijke verbindingen aan de noordkant van de grens vaak krachtiger en professioneler georganiseerd zijn.
GroenRand stelt dat de uitbreiding van de Kalmthoutse Heide naar een robuust gebied van 14.000 hectare door de toevoeging van de Schietvelden, de bosgebieden langs de Antitankgracht, het Markiezaat en de Brabantse Wal essentieel is voor de klimaatadaptatie.
De ervaring van de Hoge Kempen leert dat wanneer men durft te kiezen voor natuur op grote schaal de economische voordelen voor de lokale horeca en handel in de dorpskernen vanzelf volgen.
Johan Van Den Bosch stelt dat de werkelijkheid nu beter is dan de droom van twintig jaar geleden en GroenRand wil dat deze zelfde positieve spiraal eindelijk in de Noorderkempen wordt ingezet.
Het is nu aan de Vlaamse regering en de gemeenten Kalmthout, Essen, Kapellen, Stabroek, Brasschaat en Schoten om de juridische zekerheid van het Grondwettelijk Hof te gebruiken voor een doorstart.
De natuur houdt immers geen rekening met landsgrenzen of politieke drempels en verdient daarom een eenduidig statuut over de gehele oppervlakte van dit internationaal waardevolle en kwetsbare gebied.
Alleen door de visie van de Limburgse pioniers te vertalen naar de context van de Noorderkempen kan Vlaanderen bewijzen dat het de bescherming van zijn mooiste landschappen echt serieus neemt voor de toekomst.
De houding van GroenRand blijft onverkort dat elke dag uitstel een gemiste kans is voor de biodiversiteit en voor de sociaal-economische heropleving van de regio rond de heide.
Het succesverhaal van de Hoge Kempen laat zien dat een nationaal park geen gevangenis is voor de omgeving maar juist een motor voor een nieuwe en duurzame vorm van recreatieve welvaart.
De Kalmthoutse Heide heeft werkelijk alles in zich om het vijfde succesverhaal van de Vlaamse natuurgeschiedenis te worden, mits de politiek de moed toont om de droom van GroenRand te realiseren.
In 2023 zijn er elders in Vlaanderen nog drie andere nationale parken bij gekomen wat bewijst dat het model van de Hoge Kempen nu eindelijk navolging krijgt op andere plekken in de regio.
Op de twintigste verjaardag van het NPHK verschuift de aandacht naar kwaliteit in plaats van verdere groei, nu de solide basisstructuur van bijna 13.000 hectare stevig en robuust verankerd is.
GroenRand benadrukt steeds dat de situatie in Limburg het beste bewijs is voor critici in de Antwerpse Kempen dat natuurontwikkeling zorgt voor een win-winsituatie voor mens en milieu.
De asymmetrie moet verdwijnen zodat de Kalmthoutse Heide over de grenzen heen kan schitteren als één ondeelbaar Nationaal Park dat klaar is voor de uitdagingen van de eenentwintigste eeuw.
Op de twintigste verjaardag van het NPHK verschuift de aandacht naar kwaliteit in plaats van verdere groei, nu de solide basisstructuur van bijna 13.000 hectare stevig en robuust verankerd is.
GroenRand benadrukt steeds dat de situatie in Limburg het beste bewijs is voor critici in de Antwerpse Kempen dat natuurontwikkeling zorgt voor een win-winsituatie voor mens en milieu.
De asymmetrie moet verdwijnen zodat de Kalmthoutse Heide over de grenzen heen kan schitteren als één ondeelbaar Nationaal Park dat klaar is voor de uitdagingen van de eenentwintigste eeuw.