dinsdag 28 april 2026

De pen van Glenn: een stem voor de valleien en de klimaatgordel

GroenRand lanceert 'De pen van Glenn': een krachtige stem voor de valleien en de klimaatgordel

Na tien jaar is het dossier van de Antwerpse GroenRand-regio inmiddels breed gekend.
Met de 'pen van Glenn' geeft de natuurvereniging een stem aan de kwetsbare biotopen die extra bescherming verdienen.
Door talloze wandelingen en schitterende fotoreportages is iedereen inmiddels overtuigd van het belang en de schoonheid van dit gebied.
Toch stopt GroenRand met haar publieksactiviteiten.


De vereniging gooit het nu over een andere boeg en lanceren ze de 'pen van Glenn'.
Op die manier kan er gericht verder gewerkt worden aan het noodzakelijke natuurherstel.
"De pen van Glenn" is het invloedrijke pseudoniem waaronder de natuurvereniging GroenRand haar scherpe politieke columns en ecologische analyses publiceert.
De pen van Glenn tekent een strategische omslag voor de natuurvereniging GroenRand, waarbij de focus verschuift van loutere sensibilisering naar actieve beleidsbeïnvloeding.
Voorheen fungeerde de Groene Duim als een prestigieuze blijk van waardering voor personen die zich hadden ingezet om de natuur in de Voorkempen te promoten en te verbeteren.
Hoewel deze prijs succesvol was in het creëren van publieke erkenning, is de Groene Duim nu vervangen door de pen van Glenn omdat GroenRand stelt dat de tijd van informeren voorbij is en er nood is aan directe politieke druk.
De pen wordt letterlijk overhandigd aan een diverse groep bondgenoten — van burgers en academici tot politici en biologen — die dit instrument gebruiken als een actief middel om de natuur in de regio voort te helpen.
In plaats van een beloning achteraf, dient de pen als een werktuig voor het opstellen van scherpe opiniestukken en het formuleren van gerichte parlementaire vragen.
Hiermee dwingt de organisatie de uitvoering van haar doelstellingen af, zoals het ontsnipperen van natuurgebieden en het hydrologisch herstel van de Antitankgracht.
Hoewel de teksten vaak verschijnen onder de naam Glenn Solastalgie, gaat het niet om een fysiek persoon van vlees en bloed, maar om een fictief personage dat fungeert als het intellectuele geweten en de publieke stem van de vereniging.
De naam Glenn is een bewuste symbolische keuze, want de voornaam verwijst naar het Keltische woord voor 'vallei', wat direct linkt aan de missie van de organisatie om natuurlijke verbindingen in valleigebieden zoals die in de Voorkempen te herstellen, meer specifiek de vallei van de Kaartse Beek, de vallei van de Laarse Beek, de vallei van de Groot Schijn en de vallei van de Kleine Beek.
Deze beekvalleien worden fysiek met elkaar aaneengeschakeld door de Antitankgracht, die als een blauw-groen lint door de Antwerpse Voorkempen loopt en fungeert als de robuuste ruggengraat van het lokale ecosysteem.
Het grote voordeel van deze kruisingen is dat de Antitankgracht fungeert als een ecologische verdeelsleutel, want waar de natuurlijke beken vaak geïsoleerd door het landschap stromen, zorgt de gracht voor een transversale verbinding die migratie van fauna en flora tussen de verschillende stroomgebieden mogelijk maakt.
Dit netwerk verhoogt de biodiversiteit aanzienlijk, omdat diersoorten zoals de otter, de bever en diverse amfibieën de gracht gebruiken als een veilige route om van de ene vallei naar de andere te trekken, wat genetische uitwisseling tussen populaties bevordert.
Bovendien bieden deze kruispunten een unieke kans voor waterbeheersing binnen de klimaatadaptatie, want door de valleien slim te koppelen aan de gracht kan water in tijden van overvloed beter worden vastgehouden in de omliggende natte natuur, terwijl de gracht in droge periodes kan dienen als een bufferende watervoorraad.
De strategische ruggengraat van de Klimaatgordel is de Antitankgracht, die door GroenRand wordt gezien als een natuurlijke snelweg voor biodiversiteit die essentieel is om de versnippering van het landschap tegen te gaan.
De achternaam Solastalgie weerspiegelt de kern van de strijd van GroenRand en verwijst naar de psychische impact van landschapsverandering en de acute pijn van het zien verdwijnen van de vertrouwde natuurlijke omgeving.
Solastalgie beschrijft de existentiële heimwee die mensen ervaren terwijl ze nog thuis zijn en zet deze emotie voor GroenRand om in constructieve politieke actie.
Het woord is een samentrekking van het Latijnse 'solacium' voor troost en het Griekse 'algia' voor pijn, wat symbool staat voor het verlies van de troost die een gezond landschap normaal gesproken biedt.


Glenn Albrecht, de grondlegger van dit begrip, stelt dat deze emotie ontstaat wanneer de verbinding tussen de mens en zijn biologische woonplaats wordt doorgesneden door beton, vervuiling of klimaatverandering.
Voor GroenRand is dit begrip de kern van hun strijd, want de pen van Glenn geeft een stem aan deze collectieve rouw over verloren natuur in de Voorkempen.
Deze rubriek signaleert een strategische kanteling binnen de vereniging, die sinds haar tienjarig bestaan de focus heeft verschoven naar een rol als zorgzame bewaker van de open ruimte en deskundig adviseur achter de schermen.
GroenRand nam hierbij uitgebreid en actief deel aan de diverse werkbanken van het grootschalige overheidsplan De Nieuwe Rand, een programma dat de mobiliteit en leefbaarheid rond Antwerpen moet verbeteren.


Een cruciaal onderdeel van dit plan is de Klimaatgordel, waarbinnen de vereniging haar expertise inzet om concrete natuurdoelen te realiseren.
De focus ligt hierbij op de zogenaamde quick wins, dit zijn specifieke projecten binnen de Klimaatgordel die al technisch volledig zijn voorbereid of waar onderzoek gaande is door ontwerpend onderzoek van bureaus zoals Hesselteer en BUUR.
GroenRand verwacht hierbij een duidelijke stappenplanvisie die gericht is op de uitvoering van deze quick wins op het terrein.
Het ontwerpend onderzoek naar de ontsnippering van de Brechtsebaan in Schoten ter hoogte van de E10-plas wordt uitgevoerd door het gebiedsprogramma Groen Kruis in nauwe samenwerking met De Nieuwe Rand.


Deze studie, die deel uitmaakt van het project Ontsnippering Drie Banen, focust op het wegwerken van de barrièrewerking van de weg om natuurgebieden zoals de E10-plas en de Antitankgracht ecologisch met elkaar te verbinden via veilige oversteekplaatsen.
De uitvoering en coördinatie liggen in handen van de provincie Antwerpen, het Agentschap Wegen en Verkeer, de gemeente Schoten en het Agentschap voor Natuur en Bos.
Terwijl de gemeente strategische gronden aankoopt voor de natuurverbinding, zorgt het Agentschap Wegen en Verkeer binnen het kader van De Nieuwe Rand voor de technische afstemming op de gewestweg.
Dit onderzoek sluit bovendien nauw aan bij de realisatie van Klimaatpark De Zwaan, een zone die fungeert als waterbuffer en nieuw leefgebied voor onder andere de otter.

Volgens de vereniging is de realisatie van quick wins noodzakelijk omdat de huidige administratieve procedures te veel tijd in beslag nemen om de urgente biodiversiteitscrisis en de klimaatverandering effectief te counteren.
Een concreet voorbeeld van een dergelijke quick win is het dossier van de Loze Visser in Schilde, waar de ontharding van de strategische parking aan de Antitankgracht onmiddellijk kan worden uitgevoerd.
De financiering voor deze ontharding komt voort uit de Lokale Gebiedsdeal Droogte en maakt deel uit van de bredere gebiedsdeal De Antwerpse Rand Onthardt.
Hoewel deze ontharding de weg vrijmaakt voor het openleggen van de gedempte Antitankgracht, is er voor het effectieve graafwerk om de gracht weer open te leggen momenteel nog geen geld voorzien.
Daarnaast focust de vereniging op locaties zoals het Bospad, waar het verwijderen van overbodige verharding in samenwerking met de provincie Antwerpen en het Regionaal Landschap de waterhuishouding direct verbetert als onderdeel van de quick wins.


Deze ingrepen maken de regio klimaatrobuuster door de sponswerking van de bodem te herstellen.
In een apart dossier voor Sint-Job wordt ingezet op het herstel van de Antitankgracht door gedempte delen van de gracht opnieuw open te leggen.
Een essentieel instrument hierbij is het Plan Cornelis, dat de knelpunten langs de Antitankgracht minutieus in kaart heeft gebracht en deze heeft vertaald naar concrete projectfiches voor infrastructuur en natuurinrichting.
Samen met het Regionaal Landschap de Voorkempen stelt GroenRand op basis hiervan 15 projectfiches voor die als leidraad dienen voor de verdere inrichting.
Binnen dit kader eist GroenRand via parlementaire weg de verlenging van het Soortenbeschermingsprogramma voor de otter, aangezien het stoppen van dit programma een financieel risico vormt voor alle lopende quick wins rond ontsnippering.
De plannen voor de Turnhoutsebaan Oost in Schilde leggen echter een scherpe kloof bloot tussen beleidsambities en de financiële realiteit.

Hoewel deze locatie als prioritair knelpunt is opgenomen in het Vlaams Actieprogramma Ecologische Ontsnippering (VAPEO), ontbreken voor de gehele periode van het nieuwe meerjarenplan 2026-2031 de nodige budgettaire vastleggingen vanuit dit fonds.
De middelen uit het vorige actieprogramma zijn uitgeput en ook voor de jaren daarna tot 2031 is er vooralsnog geen budget gereserveerd om dit specifieke knelpunt aan te pakken.

Deze budgettaire leemte heeft directe gevolgen voor de concrete planning van de N12, aangezien de herinrichting door het Agentschap Wegen en Verkeer ook het traject omvat waar de weg de Antitankgracht kruist.
In deze zone ligt de focus van het Agentschap uitsluitend op doorstroming van openbaar vervoer en verkeersveiligheid, zonder eigen middelen te voorzien voor natuurinfrastructuur.
Hierdoor is het enige ijkpunt de oplevering van de Startnota N12 in de eerste helft van 2026, wat zonder budgettaire garantie op uitvoering blijft.
Omdat het RUP Turnhoutsebaan-Oost uit 2022 slechts een bestemmingsplan is, ontstaat het reële risico op een gemiste kans waarbij fauna-infrastructuur definitief van de kaart verdwijnt wanneer de schop de grond in gaat.
Een urgente prioriteit binnen de Klimaatgordel blijft daarnaast de verbinding tussen het Klein en Groot Schietveld, twee uitzonderlijk grote militaire domeinen die deel uitmaken van de groene gordel ten noorden van Antwerpen.
Hoewel deze gebieden enkele van de best bewaarde stukken natte heide in Vlaanderen bevatten, worden ze momenteel gescheiden door lokale infrastructuur zoals de Essensteenweg.
De uitwerking van deze verbinding is prioritair omdat het tussenliggende gebied onder druk staat van bijkomende bebouwing, terwijl de beschermde soorten in de Schietvelden lijden onder de toenemende droogte.

Om deze ambities waar te maken en de stap te zetten van theoretische plannen naar tastbare resultaten op het terrein, pleit GroenRand voor een structurele financiering door de Vlaamse overheid voor alle geïdentificeerde quick wins.
In de praktijk fungeert de rubriek van Glenn als een brug tussen deze wetenschappelijke ecologische visies en de politieke reality.
Terwijl de oprichters van de vereniging de basis legden voor projecten rondom de Antitankgracht, is het Glenn die vandaag de dag de vinger aan de pols houdt en constructief herinnert aan gemaakte beloftes wanneer beleidsdoelstellingen dreigen te vertragen.
De pen van Glenn is dus de personificatie van burgerparticipatie en betrokkenheid, hij is de stem van de geëngageerde burger die streeft naar concrete resultaten in de dossiers van bosverwerving en biodiversiteitsherstel in de Antwerpse Kempen.
Door een fictieve auteur te gebruiken kan de vereniging een consistente en herkenbare toon aanhouden die losstaat van individuele bestuursleden, waardoor de kernboodschap van natuurherstel en klimaatadaptatie in de valleigebieden altijd centraal blijft staan in het publieke debat.

François Eennaes en de stem en het riet in de Voorkempen

François Eennaes en de stem van het riet in de Voorkempen


De rietzanger is een vogel die de kunst van het onzichtbare perfect beheerst, maar zodra hij begint te zingen, eist hij alle aandacht op in de uitgestrekte rietkragen van de Voorkempen.
Dankzij het geduld van fotograaf François Eennaes is deze verborgen bewoner prachtig in beeld gebracht, hoewel het voor de gemiddelde wandelaar vaak een zoektocht blijft tussen de wuivende stengels.
In onze regio vindt deze kleine acrobaat zijn absolute thuis in gebieden waar water en land in elkaar overvloeien, zoals de vallei van de Kleine Nete of de Antitankgracht die als een ecologische snelweg door ons landschap snijdt.
Vooral in de omgeving van het Schaliënhof in Oelegem of de natte natuur van de Rundvoort in Brasschaat kun je hem in het voorjaar treffen wanneer hij zijn territorium afbakent.


Het is een vogel van de overgangszones, daar waar het riet dik genoeg is om een nest in te weven, maar waar de insectenrijkdom van het water binnen snavelbereik ligt.
Wetenschappers merken op dat de Vlaamse populatie een bewogen geschiedenis kent, waarbij de aantallen na een dramatische daling in de jaren zeventig gelukkig weer langzaam herstellen.
Historisch gezien is de rietzanger een symbool van de veerkracht van onze natuur en een constante metgezel voor de mensen die vroeger in de moerassen werkten.
Toen riet nog op grote schaal geoogst werd voor dakbedekking, was hij een trouwe bewoner van de percelen die de rietsnijders met zorg onderhielden.
Er doen verhalen de ronde van oude poldergasten die beweerden dat de rietzanger de tijd kon voorspellen, want als hij midden op de dag onophoudelijk bleef ratelen, was er onvermijdelijk onweer op komst.


De bouw van het nest is een waar kunststukje waarbij het vrouwtje in ongeveer een week tijd een diep, komvormig nest vlecht laag in de dichte vegetatie, vaak net boven de grond of het wateroppervlak.
Die levendige zang is trouwens een technisch hoogstandje waarbij hij met het grootste gemak andere vogels imiteert, waarbij mannetjes vaak een opvallende zangvlucht uitvoeren om vervolgens als een parachuutje weer neer te dalen.


De wetenschappelijke naam, Acrocephalus schoenobaenus, verwijst naar zijn behendigheid in het riet, waarbij 'acros' staat voor spits en 'kephalos' voor kop, wat duidt op zijn karakteristieke profiel met die scherpe en lichte wenkbrauwstreep.
Wanneer hij in april terugkeert uit de Sahel, heeft hij een hachelijke reis achter de rug die getuigt van een ongelooflijke kracht voor zo'n klein wezentje.
Het is fascinerend om te bedenken dat zo’n hoopje veren van nauwelijks twaalf gram de Sahara oversteekt om precies in de Voorkempen zijn plek weer op te eisen.
De overlevingskansen van deze trekvogel zijn sterk afhankelijk van de neerslag in Afrika, waarbij droogte in de Sahel direct invloed heeft op het aantal zingende mannetjes dat we hier in de lente horen.
In de volksmond werd hij vroeger ook wel de 'rietmous' of 'kwetteraar' genoemd, namen die zijn rusteloze en beweeglijke karakter eer aan doen.


Hij zit zelden stil en zelfs tijdens het zingen zie je hem vaak langzaam naar de top van een rietpluim klimmen om daar zijn lied over het water te laten schallen.
Vervolgens kan hij bij het minste gevaar weer als een muis in de diepte van de vegetatie verdwijnen, waardoor hij fotografen vaak tot wanhoop drijft.
Voor natuurbeheerders in gebieden als het Groot Schietveld is de aanwezigheid van de rietzanger een belangrijke graadmeter voor de kwaliteit van het lokale water- en rietbeheer.
Het vrouwtje legt meestal vier tot zes eieren die ze in twee weken uitbroedt, waarna beide ouders onvermoeibaar insecten aanvoeren voor de jongen.
Hij houdt immers niet van verland riet dat te droog wordt, hij heeft die natte voeten en die verse insectenpopulaties echt nodig om zijn jongen groot te brengen.
Er is een oude anekdote uit de streek die vertelt dat de rietzanger zijn lied leerde van de wind die door de holle stengels floot, en dat hij sindsdien probeert dat ritselen te overtreffen.


Het is die onvermoeibare energie die hem zo geliefd maakt bij vogelkijkers die geduldig langs de oevers van onze vennen en plassen postvatten.
De beelden van François Eennaes onthullen de subtiele details van zijn warme verendek die anders voor het menselijk oog verborgen zouden blijven.
Zijn aanwezigheid verbindt onze lokale beekvalleien met de verre uithoeken van Afrika, een levend bewijs dat de natuur geen grenzen kent.
Het is een vogel die ons eraan herinnert dat schoonheid vaak verborgen zit in de details en dat je in de Voorkempen soms gewoon moet stilstaan om te luisteren.

GroenRand: De strategische balans tussen de ree en de toekomst van de Voorkempen

GroenRand: De strategische balans tussen het ree en de toekomst van de Voorkempen


maandag 27 april 2026

Pioniers in de Beekvallei: De Groene Schup 2026 als herkenningspunt voor de Antwerpse stadsrand

Pioniers in de Beekvallei: De Groene Schup 2026 als herkenningspunt voor de Antwerpse stadsrand


Op 26 april 2026 kwam de toekomst van de vallei van het Klein Schijn samen tijdens de uitreiking van de Gruune Schup.
Deze onderscheiding, uitgereikt door GruunRant-voorzitter Pol Lermytte, viel dit jaar ten deel aan vier landbouwbedrijven die de brug slaan tussen economie en ecologie: Vaarthof, ’t Vosseveld, De Vier Notelaars en het Hofse Veld.
Een glunderende Koen Van de Mieroop, Patrick Robyns, Jarno Huysmans en Tom De Vos namen de prijs in ontvangst als erkenning voor hun inzet voor het behoud van open ruimte.
Zij zijn niet louter producenten van voedsel, maar de architecten van een landschap waarin de landbouw cruciaal is om de sponsfunctie en de biodiversiteit van de beekvallei te ondersteunen.
Aan de Wijtschotbaan in Schoten en de Hofse Velden in ’s-Gravenwezel leggen deze initiatieven een sterke link tussen de natuur en de buurt.
Hier wordt aangetoond dat natuurinclusief boeren leidt tot verrassend lekkere en gezonde groenten, fruit en kruiden voor de lokale gemeenschap.
De kracht van dit model werd visueel vertaald in de nieuwe film van GruunRant over landbouw in de vallei van het Klein Schijn die die middag in première ging
Met de markante stem van Warre Borgmans en de financiële steun van het provinciebestuur schetst de documentaire een beeld van 100% lokale verhalen rond landbouwers en omwonenden.
De film toont de maatregelen die nodig zijn om de voedselproductie te ondersteunen en de beekvallei klimaatrobuuster en biodiverser te maken.
Deze boeiende inspiratiebron is ruimer toepasbaar voor de laatste stukken landbouwgrond in de verstedelijkte stadsrand.
Na de vertoning mocht het talrijk opgekomen publiek deelnemen aan een gesprek met een deskundig panel over de toekomst van de sector.


In dit panel zetelden Erik Block (schepen uit Schoten), Tom Vervoort (expert agro-ecologie van het provinciebestuur), Tom De Vos (landbouwer van ’t Vosseveld) en Steve Meuris (Boerennatuur Vlaanderen vzw).
Zij stelden vast dat de specifieke situatie in de Antwerpse stadsrand erg gunstig is voor kleinschalige initiatieven die mikken op buurtbetrokkenheid en de natuur als bondgenoot.
Het half miljoen mensen op tien minuten fietsafstand van GruunRant zou volgens de experts allemaal recht moeten hebben op deze lokale en gezonde producten.
Tegelijkertijd liggen er ook veel mogelijkheden bij de traditionelere landbouwmodellen met een grotere schaal mits de juiste ondersteuning.
Er werd gewaarschuwd dat we kansen moeten herkennen bij generatiewissels om opvolging buiten de familie te stimuleren in plaats van te vervallen in verpaarding en vertuining.
Grondeigendom bleek een cruciaal element, waarbij het gebruik van overheidsgronden vaak de sleutel vormt in de huidige succesverhalen.
De middag sloot af met de conclusie dat de samenwerking tussen landbouw, beleid en natuur de enige weg vooruit is voor de laatste open ruimtes.
De samenwerking tussen GruunRant, GroenRand, Red de Voorkempen en Greenplease vormt een krachtig burgercollectief dat zich inzet voor het behoud en de versterking van de open ruimte in de Antwerpse stadsrand en de Voorkempen.
Waar deze organisaties voorheen vaak individueel opereerden, werken ze nu proactief samen aan een gedeelde regionale visie.
Hun centrale doel is het tegengaan van landschapsversnippering door verspreide natuurgebieden, parken en bossen met elkaar te verbinden tot een robuuste groene klimaatgordel.
Binnen dit netwerk is er een duidelijke taakverdeling op basis van werkgebied en expertise.
Red de Voorkempen fungeert als de overkoepelende belangenbehartiger die zich richt op de volledige regio.
Zij bewaken grote, grensoverschrijdende dossiers en de algemene ruimtelijke ordening die de identiteit van de hele Voorkempen raakt.
Greenplease opereert daarentegen specifiek op lokaal niveau als denkgroep voor de gemeente Schilde, waar zij hun expertise inzetten voor het behoud van het groene karakter binnen de gemeentegrenzen.
Deze coalitie fungeert als een professionele gesprekspartner voor overheden.
Terwijl GruunRant en GroenRand zich concentreren op ontharding en de fysieke ontsnippering van het groen, zorgt de wisselwerking tussen de regionale blik van Red de Voorkempen en de lokale kennis van Greenplease voor een sterk front.
Door hun krachten te bundelen, presenteren zij natuurbehoud niet langer als een lokale hindernis, maar als een essentieel onderdeel van een toekomstbestendige, klimaatresistente regio.